De achterliggende vraag: is de waarheid zelfcorrectief?

Afgelopen zondag het Filosofisch Café van de ISVW in Leusden bijgewoond met een bijdrage van de filosoof Jeroen Hopster over waarheid en onwaarheid, nepnieuws en het post-truth tijdperk. Al snel ging zijn lezing natuurlijk over Donald Trump en diens manier van omgaan met de waarheid en hoe hij daarmee wegkomt.

Er is al veel gezegd en geschreven over de intuïtieve manier waarop Trump met de waarheid omgaat: op basis van zijn intuïtie uit hij een vermoeden, wanneer blijkt dat de feiten zijn vermoeden niet bevestigen gaan derden op dit vermoeden reageren waardoor nieuwe feiten ontstaan, dan past hij zijn vermoeden hierop aan en ontstaat een nieuwe waarheid. Het gaat hierbij dus in essentie om propaganda: het bewust verspreiden van eenzijdige en/of verzonnen informatie, niet een nieuwe verschijnsel en Donald Trump is natuurlijk niet de enige die dit doet, Poetin kan er ook wat van.

Wat het bij Trump schokkend maakt is dat dit gebeurd in een land dat altijd voorop heeft gelopen als het gaat om de burgerlijke vrijheden en de vrije pers en de meerderheid van de Amerikanen onverschillig staat ten opzicht van het vinden van de waarheid. Het zomaar wat roepen en het aantoonbaar verspreiden van onjuiste feiten kan daar zomaar zonder dat het consequenties heeft. Sterker nog, Trump’s intuïtie ligt blijkbaar dicht bij het gevoel van veel Amerikanen dus raakt hij een gevoelige snaar bij velen die hem door dik en dun blijven steunen ook al kraamt hij bullshit uit. Dit blijkt uit de zijn populariteitsscore: 53 procent van de witte kiezers steunt hem en bij witte mannen is dat percentage zelfs 60 procent.

Volgens Jeroen Hopster heeft de opkomst van de social media de afgelopen 15 jaar voeding gegeven aan dit verschijnsel omdat daardoor de tools beschikbaar kwamen om de publieke opinie naar de hand te zetten, denk maar aan de Russische inmenging van de laatste Amerikaans verkiezingen en de onthullingen nu over de rol van Facebook daarbij. Overigens was het Barack Obama die als eerste social media massaal ging inzetten bij zijn eerste verkiezingscampagne en heeft Donald Trump daar en aantal principes uit de marketing toegepast op zijn politiek campagne.

Na de pauze tijdens de discussie over een aantal stellingen merkte één van de aanwezige op dat dit niet de eerste keer is geweest dat nieuwe technologie maatschappelijke impact heeft gehad, denk bijvoorbeeld aan de boekdrukkunst en de introductie van kranten, radio en televisie. Zo leidde de massaproductie en -verspreiding van boeken ertoe dat de burgers minder afhankelijkheid van priesters werden voor hun kennisontwikkeling en alternatieve meningen zoals die van Maarten Luther breed konden worden verspreid. Op zich een mooie ontwikkeling maar deze ontwikkeling heeft ook tot heel wat godsdienstoorlogen geleid. Met de komst van nieuwe technologie is dus de nodige turbulentie te verwachten en het duurt altijd een tijdje voordat we geleerd hebben hier mee om te gaan, momenteel zitten we opnieuw in zo’n moderniseringsproces zoals dat in de sociologie wordt genoemd.

Op basis hiervan kom ik dan op de achterliggende vraag die Jeroen Hopster bij dit verschijnsel  stelde en die wellicht het meest interessant is: is de waarheid zelfcorrectief? Blijkbaar is ons collectieve waarheidskader momenteel uit balans en niet gebaseerd op feiten maar op waarden, normen en ideologie waardoor meerdere waarheden naast elkaar kunnen bestaan. Hierdoor ontstaat een kloof tussen de politieke elite, de burgers en de experts en dat wringt en levert allerlei problemen op die de traditionele instituties niet kunnen oplossen.

Wat dat betreft zouden de volgende Amerikaanse verkiezingen wel eens spannend kunnen worden. De grote vraag wordt dan of Donald Trumps intuïtieve methode succesvol blijft of dat de democraten een nieuw ideologisch kader weten te ontwikkelen die de kiezers aanspreekt, het morele leiderschap van de nieuwe president zou dan wel eens het belangrijkste issue kunnen worden. Hopelijk is het corrigerend vermogen van de Amerikaanse samenleving zo sterk dat we snel weer over hetzelfde praten als het om de waarheid gaat.

Nacht van de Madrigalen

A.s. vrijdag is de Nacht van de Madrigalen in de Sint-Joriskerk te Amersfoort met een veelzijdig programma rond de Madrigalen van Claudio Monteverdi en met nog veel meer leuks en dat geheel op Italiaanse wijze. Geen mooier begin van de lente dan dit evenement in Italiaanse stijl met uiteraard goede Italiaanse wijn en een Italiaan buffet, zowel lichaam en geest hoeven zich dus niet te vervelen! 

Het barokensemble Le Nuove Musiche heeft onder aanvoering van klavecinist Krijn Koetsveld alle madrigalen van Monteverdi op cd uitgebracht – een wereldprimeur! Vier jaar lang zijn ze daar mee bezig geweest en nu is dit project afgerond en staan alle madrigalen op CD en de eerste lovende recensies over he resultaat van dit ambitieuze project zijn inmiddels verschenen.

Hier en paar citaten uit een mooi interview met Krijn Koetsveld in AD Amersfoortse Courant over dit project:

Krijn Koetsveld ziet in de teksten van de Madrigalen tijdloze thema’s terugkomen zoals: verlies, de dood, liefde en erotiek. ,,Eén van de concerten geven we als motto: ‘De dood of de gladiolen’. Een uitspraak van wielrenner Gerrie Knetemann. Precies hetzelfde speelt in de hoofse liefdespoëzie.”  Koetsveld, getrouwd met een Italiaanse, spreekt vloeiend Italiaans en is daarom in staat dubbelzinnige taal te begrijpen. ,,We sluiten af met ‘Erotische geheimtaal in Monteverdi’s madrigalen’. De erotiek is daarin nooit ver weg, al worden de teksten niet platvloers. Een woord als ‘morire’ betekent letterlijk ‘sterven’ maar destijds stond het ook voor ‘klaarkomen’. Zo zijn er meer verborgen boodschappen.” 

Belangrijker is nog, volgens Koetsveld, de muziek zelf. ,,Monteverdi leidde een lang leven voor iemand van zijn tijd. In zijn madrigalen kun je de muziekgeschiedenis volgen: de overgang van de renaissance naar de barok. Hij benadrukte bepaalde dramatische passages en liet zich daarbij steeds minder leiden door strenge regels. Hij schreef ook voor solozang, omdat dan de teksten goed verstaanbaar zijn. Mede dankzij Monteverdi werd de muziek persoonlijker en daarmee moderner.”

Op 13 april wordt de afronding van dit project feestelijk gevierd met een afwisselend programma in de Sint-Joriskerk in Amersfoort met o.a. de muziek van Monteverdi, een Italiaans buffet verzorgt door de Meisjes van Spijs uit Den Haag, yoga op muziek van Monteverdi, Italiaanse wijnen en jazz-pianist Bert van den Brink & Friends met een geheel eigen zienswijze op Monteverdi. Aan het eind van de avond is het – na een pittige Italiaanse snack – tijd voor de apotheose: Monteverdi 18+, waarin de erotische geheimtaal van Monteverdi wordt geduid door Le Nuove Musiche. 

Voor meer informatie en het programma kan je zijn op de site van Monteverdi XL maar je kunt natuurlijk ook gewoon een kaartje kopen in de Sint-Joriskerk! En als je dan besluit te gaan is het goed te weten wat de dresscode is: La Grande Bellezza!

De energietransitie en onze portemonnee.

Gisteren netjes op tijd mijn inkomstenbelasting ingestuurd. Dat gaat inderdaad steeds makkelijker nu de Belastingdienst steeds meer gegevens van derden kan inlezen. Voor mij een mooie aanleiding mijn persoonlijke huishoudboekje weer eens te bekijken of er nog wat gewijzigd is en of er nog wat bespaard kan worden op mijn maandelijks vaste kosten. Het grootste gedeelte van mijn inkomen gaat maandelijks naar mijn hypotheek, gevolgd door de energie rekening en de auto- en verzekeringskosten en als laatste de communicatiekosten (TV, Internet, mobiel, Netflix, Spotify etc.).

Eigenlijk is dat al jaren ongeveer hetzelfde en soms kan je door naar een andere partij over te stappen je voordeel doen. Zo ben ik per 1 januari naar een andere energie leverancier overgelopen en dat scheelde me mooi 30 euro per maand. En van mijn telecomprovider kreeg ik vorig jaar een mooie nieuwe aanbieding waardoor mijn totale kosten lager werden terwijl ik er meer services voor terug krijg en maandelijks minder aan variabele kosten hoefde te betalen. Al met al niet slecht dus en ik weet voorlopig weer waar ik aan toe ben.

Toch maak ik me een beetje zorgen over de toekomst van mijn portemonnee omdat er door de overheid een aantal ingrijpende veranderingen zijn aangekondigd die dit plaatje wel eens drastisch kunnen gaan veranderen en die hebben allemaal te maken met de energietransitie als gevolg van de afspraken die drie jaar geleden zijn gemaakt bij het Klimaatakkoord van Parijs.  Als we de daar vastgestelde doeltellingen willen realiseren moeten we een aantal drastische maatregelen nemen. De contouren daarvan worden steeds duidelijker en kunnen al op korte termijn gevolgen hebben voor de portemonnee van de burger, zo is de verwachting dat onze energierekening in 2021 zo’n 138 euro hoger zal zijn dan nu en betaal ik zo dus al bijna meer voor mijn energie als voor mijn hypotheek en dan komen er nog allerlei andere maatregelen aan met impact op mijn huishoudboekje.

De eerste impact heb ik al ondervonden en dat heeft te maken met het feit dat ik twee jaar geleden zo stom ben geweest een diesel aan te schaffen onder het mom van ‘die zijn tegenwoordig toch even milieuvriendelijk als benzine auto’s’, althans dat beweerde de autoverkoper destijds. Tot vlak daarna naar buiten kwam dat de autoproducenten hadden zitten sjoemelen met de testgegevens en momenteel steeds meer steden besluiten diesels uit de steden te weren, je kan er vanuit gaan dat dit soort maatregelen de komende jaren aangescherpt zullen gaan worden. Dat heeft direct gevolgen voor de inruilwaarde van mijn auto, gelukkig kan ik dat wel hebben maar het doet wel au en ik zal de Duitse steden voorlopig maar gaan mijden.

En dan vanmorgen een groot artikel in de Volkskrant over onze veel CO2 uitstotende cv-ketel die, als het aan de organisatie van de installatiebranche Uneto-VNI, de fabrikanten van cv-ketels, milieuorganisaties en een groot deel van de energiesector ligt, vanaf 2021 niet meer verkocht mogen worden. Als dit voorstel wordt overgenomen en na 1 januari 2021 je cv-ketel het plots begeeft ben je dus genoodzaakt over te gaan op een alternatief zoals de warmtepomp, zonne-energie, stadsverwarming of een hybride systeem bestaande uit een combinatie van een warmtepomp (eigenlijk een omgekeerde airco) en een compacte ouderwetse cv-ketel. Deze laatste optie is dan het goedkoopst en het makkelijkst te realiseren en kost maar 6.000 euro, wel drie keer zoveel als een ouderwetse cv-ketel. Omdat dit best wel een kostenpost is voor de meeste huishoudens heeft de sector creatief een nieuwe financieringsvorm bedacht: de gebouwgebonden lening.

De energie en financiële consultants die over dit concept hebben gebrainstormd moeten zich goed vermaakt hebben bij het bedenken van dit voorstel. Ik zie ze al tijdens een creatieve heisessie een inventarisatie maken van alle alternatieven totdat iemand het woord ‘Hybride’ laat vallen en twee bestaande technologieën onder deze noemer aan elkaar worden geknoopt en een ander het concept ‘gebouwgebonden lening’ bedenkt, verdient de financiële sector er ook nog wat aan! Een eenvoudig rekensommetje geeft aan dat dit om een enorm lucratieve markt gaat waar de energiesector nog jaren flink aan kan verdienen: 85% van alle 7,7 miljoen huishoudens gebruiken gas en als die allemaal 6.000 investeren hebben we het over zo’n 40 miljard euro. En het mooie is dat de sector meteen aan de slag kan, niemand gaat immers meer een oude ketel kopen als je een nieuwe moet aanschaffen. Hou er maar vast rekening mee dat naast al die zonnepanelen binnenkort potentieel 6,5 miljoen warmtepompen op onze daken zullen verschijnen en die maken, in tegenstelling tot zonnepanelen, overigens wel lawaai…

Vandaag, 28 maart, wordt dit voorstel door de samenwerkende organisaties aan de Tweede Kamer en Diederik Samsom aangeboden. Diederik Samsom is door Minister Wiebes aangesteld de onderhandeling van het Klimaat en Energieakkoord met betrekking tot de verwarming te gaan leiden. Gezien het feit dat alle betrokkenen bij dit initiatief ook bij sectortafel van Samsom aanzitten en dit voorstel de instemming heeft van Greenpeace (waarvoor Samsom heeft gewerkt), Milieudefensie en Natuur en Milieu zal dat wel goed komen en zullen we het voorlopig moeten doen met de best verkoopbare oplossing: het hydride model. Het helemaal aanpassen van een woning zodat er geen gas meer nodig is kost aanzienlijk meer, minimaal 50.000 per woning, niet iedereen kan zich dat permitteren. Het zou me overigens niet verbazen als Diederik Samsom al eerder dan zijn benoeming achter de schermen bij dit voorstel betrokken is geweest, als hij zich ergens mee gaar bemoeien doet hij dat ook vol overgave.

Overigens lijkt deze energietransitie op de sluiting van de kolenmijnen die  de PvdA’er Joop den Uyl destijds heeft doorgevoerd toen hij minister van Economische zaken was,  nu is het de minister van economische zaken van de VVD Eric Wiebes die dit programma gaat trekken en het is van hem natuurlijk een slimme zet de PvdA’er Diederik Samsom de kar te laten trekken. Als Wiebes over een paar jaar hoog en droog zo ergens bestuurder is is Diederik Samsom waarschijnlijk nog steeds de kar aan het trekken en mag hij zijn achterban weer gaan uitleggen waarom hun portemonnee een stuk leger is, enige regie op dit dossier ontbreekt blijkbaar bij de PvdA.

Voor mij betekent het dus dat ik er rekening mee moet gaan houden dat de energiekosten, die toch al flink zijn, weleens flink kunnen gaan oplopen. Wellicht betaal ik minder aan energiekosten per maand maar de initiële investering is hoog en wie garandeert mij dat na verloop van tijd de wetgeving nog meer aangescherpt wordt indien blijkt dat we de klimaat en energie doelstellingen toch niet niet gaan halen? De hybride oplossing is niet de beste oplossing, bij zowel hybride auto’s en hybride cv-ketels gaat het immers om een combinatie van de al lang bestande benzine of gas aandrijving met een eveneens al lang bestaande technologie (dynamo, airco).

Is het niet verstandiger naar meer fundamentele en innovatieve oplossingen te zoeken alvorens we er allemaal zoveel geld aan gaan uitgeven? En waarom dan een deadline zetten op 1 januari 2021? Dat maakt het minder aantrekkelijk te investeren in meer fundamentele oplossingen die onafhankelijk zijn van olie en gas.

Ik hoop dan ook dat de kernfysicus Diederik Samsom vanmorgen het artikel in de Volkskrant heeft gelezen over de veel belovende recente ontwikkelingen op het gebied van kernfusie. Ook op andere terreinen wordt er veel onderzoek gedaan en komen nieuwe technologieën met nieuwe veelbelovende toepassingen. Natuurlijk is het goed met het hybride model een korte termijn oplossing te hebben voor de klimaat en energie problematiek maar het alleen maar focussen op korte termijn oplossingen die de burger op kosten jagen is kortzichtig en niet goed voor het draagvlak als de oplossing niet structureel is. Ik adviseer Samsom dan ook ook even een persmomentje te plannen waarbij hij op de foto staat met een platform dat werkt aan meer innovatieve duurzame oplossingen waarmee we de Nederlandse energiesector internationaal op de kaart kunnen zetten.

Laat de markt maar met korte termijn oplossingen komen, de club van Doekle Terpstra staat te springen om aan de slag te gaan, subsidieer eventueel daar waar er geen draagkracht is en investeer als overheid in meer structurele innovatieve oplossingen die echt helpen. Een door de industrie afgedwongen deadline is voor de industrie natuurlijk zeer lucratief maar voor alle huishoudens die er mee te maken krijgen een behoorlijke kostenpost. Voor het milieu en de economie is deze ontwikkeling natuurlijk winst en als ik nu een jonge starter op de arbeidsmarkt was zou ik elektrotechniek als vak kiezen of een energie adviesbureau starten, geheid goed voor nog jaren werk…

李先生同意

Meneer Lee stemt tegen.

Die ochtend was meneer Lee vroeg opgestaan en had hij zijn nieuwe pak aangetrokken. Na het ontbijt met zijn vrouw was hij bij de kapper langs gegaan om zich te laten scheren en zijn stropdas te laten strikken. Meneer Lee had dit pak per koerier van de partij gekregen en nooit eerder een pak of stropdas gedragen. Toen hij naar zijn huis terugliep stond iedereen op straat vol ontzag naar hem te kijken, zo netjes had nog niemand in zijn dorp hem ooit gezien. Aangekomen bij de straat waar hij woonde zag hij een grote groep mensen bij zijn huis staan rond de partijauto die hem kwam ophalen.

Meneer Lee stelde zich voor aan de chauffeur: ‘Meneer Lee, aangenaam, ik moet nog even mijn spullen pakken want die liggen nog binnen.’ “Dat is niet nodig meneer Lee, alles is geregeld, stapt U maar in’, zei een mevrouw in het partijuniform die naast de chauffeur stond op een toon waarbij hij dacht dat het beter was te doen wat zij hem vroeg.

Na een snel afscheid van zijn vrouw reed meneer Lee, onder begeleiding van twee motoragenten over hobbelige binnenwegen naar de snelweg die hem naar Beijing zou brengen. Onderweg voegden steeds meer partijauto’s zich bij een steeds groter wordende colonne identieke auto’s allemaal op weg naar de Grote Zaal  van het Volk aan het Plein van de Hemelse Vrede. Achter het glas voorin zat de chauffeur en naast hem zijn begeleidster. ‘Alles goed met U meneer Lee’, vroeg ze met een glimlach, ‘U weet wat de bedoeling is?’. ‘Ja hoor’ zei hij, ‘het is met duidelijk, ik ga tegen stemmen’.

Hij dacht terug aan die gedenkwaardige dag drie maanden geleden toe hij door eenzelfde auto was opgehaald en naar het hoofdkantoor van de partij in Beijing gebracht. Daar aangekomen was hij naar een vergaderzaal gebracht waar een aantal partijbonzen rond de tafel zat met aan het hoofd president Xi Jinping. Door emoties overweldigd maar ook een beetje nerveus was hij naar voren gelopen om de grote leider de hand te schudden en Xi Jinping had hem glimlachend aangekeken.

‘Best kameraad Lee’, had Xi Jinping gezegd, ‘uit betrouwbare bron weet ik dat u een zeer toegewijd lid van de partij bent en zich jaren voor ons heeft ingezet, ook in tijden die voor ons en voor u niet altijd makkelijk waren. Ik heb daarom verzocht U hier te laten komen omdat ik U iets wil vragen.’ Meneer Lee keek verbaasd naar de president en partijleider en voelde zich trots en vereert na deze woorden, wie kon een persoonlijk verzoek van de grote leider Xi Jinping weigeren?

‘Zoals U weet’, vervolgde Xi Jinping, ‘is over een paar maanden ons Volkscongres en zullen onze 3.000 parlementsleden vanuit het hele land naar Beijing komen om namens de 1.22 miljard Chinezen een aantal historische beslissingen te gaan nemen. De partijleiding uit uw regio heeft U voorgedragen als afgevaardigde en we willen graag dat U in de Grote Zaal van het Volk gaat meebeslissen over een aantal belangrijke zaken die bepalend zullen zijn voor de toekomst van het Grote Chinese Volk. De belangrijkste stemming zal gaan over de rol van mij als president van China waarbij het voorstel zal zijn mij de bevoegdheid te geven deze functie levenslang uit te oefenen.’

‘Ik ben zeer vereerd geachte heer Xi Jinping dat ik naar het Volkscongres mag voor mijn regio’. stamelde de heer Lee die erg onder de indruk was van Xi Jinping, die in het echt wel iets gezetter was dan op de foto, ‘en natuurlijk zal ik volledig volgens de richtlijnen van de partij meestemmen met het Volkscongres!’. President Xi Jinping, tevens secretaris-generaal van de communistische partij en hoofd van de strijdkrachten van China, lachte meneer Lee toe en antwoordde: ‘daar gaat het nu juist over, we zoeken iemand die juist tegen gaat stemmen omdat we graag naar de buitenwereld toe willen ophouden dat we in China democratisch te werk gaan als het om verkiezingen gaat. Stemt U gerust tegen tijdens het Volkscongres zodat we zeker weten dat er in ieder geval één tegenstem is anders krijgen we de hele wereld over ons heen”.

Zonder op een antwoord te wachten ging de vergadering verder en werd meneer Lee afgevoerd en na een gezellig dineetje met een paar functionarissen en het aanmeten van het standaard partijpak voor het Volkscongres keerde hij terug naar zijn regio. En nu, drie maanden later, was hij onderweg naar het Volkscongres met die speciale opdracht van de Grote Leider en voelde hij zich trots dat hij uitverkoren deze mooie belangrijke opdracht uit te voeren.

Twee uur later betrad meneer Lee de Grote Zaal van het Volk en nam hij plaats tussen de vertegenwoordigers van het Volk en luisterde hij naar de speeches van de Chinese prominenten waarvan hij er maar een paar kende. s’ Avonds, na de officiële vergadering, was het goed toeven in zijn luxe hotel  en genoot hij van de luxe, de etentjes en gala’s waarvoor hij als parlementslid was uitgenodigd.

De derde en laatste dag van het Volkscongres stond in het teken van de stemmingen en vlak voor de belangrijkste stemming over de ambtstermijn van de president kwam zijn begeleidster nog even bij hem langs om hem er nog even aan te herinneren vooral tegen te stemmen. De stemming  was geheim dus niemand zou weten dat hij een tegenstemmer was. Toen hij zijn stembiljet in de stembus liet glijden had hij het moeilijk omdat hij tegen zijn gevoel instemde, maar ja, als de partijleider je wat vraagt doe je dat natuurlijk! Al snel volgde de uitslag: met 2.958 stemmen voor, 2 tegen en 3 onthoudingen stemde een overweldigende meerderheid van het Chinese parlement in met een grondwetswijziging die president Xi Jinping de bevoegdheid gaf levenslang de functie van President uit te oefenen en meneer Lee was één van de twee tegenstemmers geweest.

Na afloop van het Volkscongres stond meneer Lee buiten te wachten op zijn chauffeur om weer naar huis gebracht te worden en terwijl auto na auto vetrok bleef meneer Lee uiteindelijk alleen achter, zijn chauffeur en begeleidster waren nergens te vinden. Plots stopte er een politiebusje naast hem en stapten een paar agenten uit. ‘Bent U meneer Lee’, was de vraag van een van hen. ‘Jazeker’, antwoordde hij, ‘Ik heb net het Volkscongres bijgewoond, ik sta op mijn auto te wachten!’. “Wilt U even meerijden naar ons kantoor’, was het antwoord, ‘we hebben wat vragen’.

Na een korte rit werd hij bij een kazerne van het Volksleger afgezet, Daar werd zijn pak ingenomen, kreeg hij andere kleren en werd hij naar een kamer gebracht waar twee mannen zaten, één die hem ondervraagde en een ander die op zijn laptop verslag legde van het gesprek. De man in uniform keek hem streng aan. ‘Meneer Lee’, zei hij, ‘we hebben een probleem, wellicht kunt U ons helpen’. ‘Dat is geen probleem’, antwoordde meneer Lee, ‘maar dit moet een misverstand zijn, ik voerde tijdens het Volksgesprek een speciale opdracht van president Xi Jinping uit.’ ‘Daar gaat het ook om’, zei de ondervrager, ‘want we hadden 3 mensen gevraagd tegen te stemmen en maar 2 hebben het gedaan, we willen graag weten wie dat was…’.

Vol ongeloof staarde meneer Lee naar zijn ondervragers en keek hij rond in de naargeestige omgeving waarin hij terecht was gekomen. ‘U kunt mij als Volksvertegenwoordiger toch niet zomaar vasthouden?’, vroeg hij. ‘Dat kan wel’, zei zijn ondervrager, ‘we zijn namelijk van de  nieuwe Toezicht Commissie die tijdens het Volkscongres is ingesteld en wij hebben de bevoegdheid in te grijpen als het leiderschap van de Partij en de Socialistische Rechtsstaat in gevaar komen. En onze president was niet bepaald blij toen één van de drie aangewezen tegenstemmers toch voor stemde tegen de wil van onze grote leider in. China’s parlement moet wel betrouwbaar blijven en we willen vermijden dat we in de val van een onbestuurbare  democratie vallen!’.

We hebben Van Xi Jinping de opdracht uit te zoeken wie diegene was die zich niet aan de afspraak heeft gehouden en zolang we dat niet weten zullen we U hier een tijdje vast moeten houden.’ ‘Maar ik ben het niet!’, riep meneer Lee wanhopig, ‘Ik heb altijd de partij gesteund!’ ‘Dat zeggen ze allemaal!, reageerde de ondervrager, ‘Ik zie U morgen weer, U blijft hier net zo lang zitten totdat we weten wie van de drie dit was..’

Onder begeleiding van twee agenten werd meneer Lee naar zijn cel gebracht. Op de gang kwam hij meerdere mensen tegen die hij herkende van het Volkscongres, het was een drukte van belang. Blijkbaar had de nieuwe Toezicht Commissie met meerdere parlementariërs nog een appeltje te schillen. De bewakers brachten hem terug naar zijn cel waar hij onder hun zwijgend toezicht te eten kreeg. ‘Dat smaakte best goed’, dacht meneer Lee, ‘het eten hier is in ieder geval beter dan bij mij thuis…’.

Cowboys

Wat mij een beetje verbaasd in die hele discussie rond invoerheffingen is het soort producten waar Trump en de EU het over hebben. Terwijl Trump zijn handtekening heeft gezet onder het besluit invoerheffingen op staal en aluminium te gaan invoeren dreigt de Europese commissie terug te slaan met heffingen op producten als pindakaas, sinaasappelsap, whiskey, tabak, T-shirts, cosmetica en beddengoed. In totaal vertegenwoordigen deze producten 1 procent van de 250 miljard aan goederen die de EU jaarlijks uit de VS importeert, daar liggen de Amerikanen vast niet wakker van. Als ik dus, als dit doorgaat, een T-shirt voor 10 dollar in de VS via Amazon bestel krijg ik niet alleen te maken met een opslag voor de verzendkosten maar zal er ook een invoerheffing berekend gaan worden op deze producten die doorgesluisd wordt naar onze fiscus.

Hierbij gaat het dus om allerlei producten die de oude economie vertegenwoordigen en niet de nieuwe die wordt vertegenwoordigd door bedrijven zoals Facebook, Amazon, Apple, Google en Microsoft die steeds invloedrijker worden en de ambitie hebben een mondiaal platform te worden waarop kopers en verkopers elkaar kunnen vinden. Van Trump begrijp ik wel dat hij de staal en aluminium sector op de korrel neemt omdat hij daar als voormalig vastgoed magnaat meer affiniteit mee heeft, honderd jaar geleden was US Steel nog het grootste bedrijf in de US maar de tijden zijn veranderd. Van de EU mag je toch een meer creatieve tegenzet verwachten.

Vandaag stond in de krant dat op de Forbes miljardairslijst Jeff Bezos, de oprichter van Amazon, de rijkste mens is geworden met een marktwaarde van 112 miljard deze plek overnemend van Bill Gates die nu op twee staat met 90 miljard. Als je kijkt naar bovenstaand plaatje van de top Amerikaanse bedrijven zie je dat de top vijf wordt aangevoerd door deze 5 technologie bedrijven en dat die steeds meer invloed krijgen omdat de oude economie niet zonder deze  platformen haar producten en diensten op de wereldmarkt kan afzetten. En ondertussen vergaren deze bedrijven allerlei informatie over ons zoek- en koopgedrag waarbij deze bedrijven vanuit de VS al onze data kunnen zien en dat andersom niet het geval is.

Zou het niet zinniger zijn als de EU zich op deze vijf bedrijven richt die met enorme marges als een soort moderne cowboy krankzinnig veel geld verdienen, via fiscale sluiproutes in o.a. Nederland belasting ontduiken, zich monopolistisch gedragen, lak hebben aan onze privacy, succesvolle bedrijven inlijven en buiten de VS weinig concurrentie hebben? Alleen Alibaba kan zich meten maar dat is niet echt een concurrent omdat ze een ander business model hebben en te maken hebben met het toezicht van de Chinese overheid. Het zou geen kwaad kunnen van deze bedrijven wat geld af te romen via een heffing op elektronische handel tussen de VS en Europa waarbij niet de arme T-shirt of pindakaas producent de dupe is maar de grote technologie bedrijven die financieel wel erg ruim in het jasje zitten.

Neo Rauch: liefde, kunst en de dood.

In de Fundatie de overzichtstentoonstelling Dromos 1993 – 2017 van Neo Rauch bezocht na eerste het interview met hem door Ralph Keunin, dat op de website van de Fundatie staat, te hebben bekeken. Neo Rauch legt in dit interview uit hoe zijn werk tot stand komt en hoe je als kijker naar zijn werk zou moeten kijken. Voordat Rauch aan een nieuw schilderij begint vindt eerst een innerlijk creatief proces plaats dat hij als een uiterst pijnlijk ervaart en hem slapeloze nachten bezorgt waarbij er allerlei beelden vaag bij hem opkomen. Tot er plots bij hem de noodzaak ontstaat de eerste punt op het doek te zetten en het proces van het daadwerkelijk schilderen begint waarbij hij de miljarden mogelijkheden die hij heeft om een schilderij vorm te geven door inperken en bundelen tot een waardevol schilderij transformeert.

Dit creatieve proces kent twee  varianten: soms weet hij op het moment van aanvang al precies wat hij gaat schilderen en komt het schilderij al schilderend  vanzelf naar hem toe. Maar het kan ook zijn dat hij begint en het werk al schilderend vanzelf ontstaat, deze laatste variant komt tegenwoordig het meest bij hem voor. En als het dan af is heeft het voor hem als de schilder en voor ons als zijn publiek waarde en geeft het voldoening er naar te kijken (voor hen die daar voor open staan).

Om de waarde van zijn werk te kunnen ervaren adviseert hij ons niet te proberen zijn kunst te begrijpen of te verklaren, het is beter je verstand uit te zetten, je open te stellen en je gevoel zijn werk te laten doen. Dat doet hij ook als hij zijn werk creëert. Grappig genoeg hoorde ik veel van de bezoekers van de tentoonstelling in Zwolle juist verwoede pogingen doen zijn werk te verklaren, zo ik hoorde een vrouw tegen haar man, die ongeduldig werd en verder wilde, zeggen: ‘Maar ik wil begrijpen wat hij hiermee bedoelt!’. Dat gaat haar niet lukken, dacht ik, ze kan hoogstens haar eigen projecties ervaren.

Door naar een schilderij te kijken komen we even los van de alledaagse dingen en kijken door een tweedimensionaal venster naar een andere wereld die los staat van tijd en werkelijkheid. Volgens Neo Rauch zijn er twee momenten in het leven waarbij wij in staat zijn buiten onszelf te treden en te ontsnappen aan de sleur van het alledaagse bestaan en dat is bij het ontstaan van de liefde en het aanschouwen van kunst. Beide kunnen belangrijke kantelpunten in het leven zijn die je niet kunt willen maar in ene spontaan ontstaan. En waarbij je na de eerste vonk die overslaat of stip op het doek jezelf gaat inperken en bundelen tot er iets van blijvende waarde ontstaat, dat is hard werken maar geeft uiteindelijk voldoening…

Volgens mij is er nog een derde kantelpunt in ieders leven waar Neo Rauch het tijdens het interview niet over had en dat is de dood die eveneens een stip aan onze horizon is en waarvan de werking omgekeerd is aan die van de liefde en de kunst. Veel van zijn werken zijn uitermate somber en er zijn volgens mij veel verwijzigingen op zijn schilderijen naar ons laatste kantelpunt (of is dit alleen maar mijn projectie?). Terwijl de liefde en de kunst plots ontstaan en in de loop van de tijd hun definitieve vorm en waarde krijgen is de dood de stip aan het eind van het leven waar we allemaal ongewild op af stevenen. En terwijl we daar naartoe onderweg zijn moeten we juist  mensen om ons heen en dingen loslaten tot er uiteindelijk op het moment suprême niets van waarde overblijft.

Het voordeel voor een kunstenaar als Neo Rauch is dan weer dat uiteindelijk zijn werk ook na zijn dood voort blijft leven door de ogen van de toekomstige generaties die naar zijn werk gaan kijken en dat is dan weer een mooi voordeel van het succesvol kunstenaarschap. Is al die pijn die hoort bij het creatieve proces uiteindelijk dan toch niet voor niets geweest. Voor ons niet-kunstenaars rest dan alleen nog maar het kijken naar een leeg doek omdat wij het niet gedurfd hebben die eerste stip op dat lege doek te zetten…

Related image

De Bataaf

Een paar dagen nadat ik op een internetveiling voor een prikje de slecht renderende speeltuin De Bataaf had overgenomen besloot ik daar maar eens zelf te gaan kijken. Ik arriveerde voor openingstijd en toen ik bij de kassa aankwam zat daar al een dame die druk bezig was haar cactussen water te geven. ‘We zijn nog niet open meneer!’ klonk het uit het hokje en ik wachtte geduldig af. Even over tien was ze klaar en richtte ze zich tot mij: ‘Dat is dan 5 euro meneer!’. ‘Ik kom eigenlijk voor de bedrijfsleider’, reageerde ik. ‘Die hebben we niet meer’ zei ze, maar als u iemand wilt spreken kunt u het beste bij de kok in het restaurant zijn’. Ik bedankte haar en liep de speeltuin binnen.

De Bataaf was niet veel veranderd, als kind ging ik daar vaak met mijn ouders, broer en zussen heen en werden wij in de speeltuin gedumpt terwijl mijn ouders met hun gasten iets gingen drinken of midgetgolven, daar waren wij nog te jong voor. Op loopafstand van ons huis en een ideaal uitje voor de zondagmiddag. Wat me het meest is bijgebleven was de waterbaan waar je met je eigen bootje kon varen, of, beter gezegd, expres tegen de andere bootjes botsen. Als kind was je toen nog met weinig tevreden.

In het restaurant aangekomen was de kok onvindbaar maar er was wel iemand voor de bediening en ik bestelde een kop koffie en een saucijzenbroodje. ‘Weet u ook hoe laat de kok hier is?’, vroeg ik haar. ‘Meestal rond elf’, zei ze, ‘maar als u wilt kan ik haar bellen, dan komt ze vast wat eerder, ze woont hier vlakbij. Wie kan ik zeggen dat u bent en waar het over gaat?’. ‘Ik ben Victor La Lune, de nieuwe eigenaar van dit complex’, ik zag dat ze me wat meewarig aankeek. Ze pakte haar telefoon en liep naar de keuken. In ieder geval goede saucijzenbroodjes, dacht ik, terwijl ik bijna mijn mond verbrandde bij de eerste hap.

Een half uur later zag ik Inge aankomen fietsen, ik herkende haar meteen. Ik had vroeger met haar op school gezeten en ze was de dochter van de lokale benzinepomphouder, we hadden kort iets met elkaar gehad totdat ze iets kreeg met de zoon van de lokale garagehouder en daar was ze toen mee getrouwd. Verrast keek ze me aan toen ze binnenkwam, ‘Victor, jij hier, dat is lang geleden!’, en ze schoof bij me aan, ‘en ook nog eens de nieuwe eigenaar, wat een verrassing!’. Dat was het ook voor mij.

Na wat gekeuvel over vroeger en gemeenschappelijke vrienden, ze was nog steeds getrouwd met Cees, legde ik haar uit dat ik De Bataaf te koop had zien staan, dat ik een investeringsmaatschappij had en dat ik meteen geïnteresseerd was omdat ik daar zelf als kind vroeger nog had gespeeld. En dat ik, tot mijn eigen verbazing, na mijn eerste lage bod, plots de eigenaar van was geworden en gisteren de stukken bij de notaris had laten passeren zodat ik nu formeel de eigenaar was.

‘Je bent niet de eerste’, zei ze, ‘we hebben de afgelopen jaren al een stoet van nieuwe eigenaren langs zien komen waaronder een bekende Nederlandse voetballer die in Oranje heeft gespeeld. Allemaal met de meest wilde plannen maar uiteindelijk waren ze nooit bereid echt in de speeltuin te investeren en werden we na verloop van tijd weer aan de volgende partij doorverkocht’. ‘De locatie is perfect’, zei ik, veel scholen en gezinnen in de buurt dus dat moet toch volk trekken.  Wat moet er volgens jou gebeuren?’, vroeg ik haar. ‘Tja, je zou kunnen investeren in nieuwe speelvoorzieningen maar de nostalgie van de oude speeltuin in combinatie met horeca maakt het juist aantrekkelijk volgens mij. En voor mij als kok prima werktijden omdat de keuken om vijf uur dicht gaat en het park om zes’.

Ik had natuurlijk de jaarcijfers van De Bataaf uitgebreid bestudeerd en allang besloten dat dit een verloren zaak was maar dat vertelde ik haar natuurlijk niet. Het ging mij meer om de grond en het mooie historische gebouw en ik had al iemand gevonden die op deze locatie een welnesscentrum wilde vestigen. Maar daarvoor moest ik wel eerst de locatie leeg opleveren, zonder al te veel kosten te maken natuurlijk. Ik had hierover al een overeenkomst met de toekomstige eigenaar afgesloten.

‘Heb jij geen zin de exploitatie van De Bataaf over te nemen?’, vroeg ik Inge, ‘Dan huur je het van mij en kan je je eigen ideeën op de Bataaf loslaten’. Daar moest ze over nadenken maar ik zag aan haar gezichtsuitdrukking dat ze wel degelijk gecharmeerd was van het idee. Iedereen die in loondienst is denkt het beter te kunnen doen dan zijn of haar baas en zo iemand zegt nooit nee als diegene de kans krijgt eigen baas te worden. Als ze dit doet gaat zij in no time failliet, dacht ik, en kan ik het complex zonder de hoge kosten voor het ontslaan van het personeel doorverkopen aan mijn partner, die had overigens de tijd…

‘Ik denk erover na’, zei ze. ‘Fijn’, zie ik, ‘jij lijkt me een goede partner, dit wordt vast dit een mooie samenwerking! Ik stuur je een standaard exploitatie overeenkomst, kan je daar eens naar kijken!’. Na nog wat gekeuveld te hebben en een tweede kop koffie stapte ik op. Terwijl ik langs de cassière liep zag ik dat ze was verdiept in een stripverhaal van Dick Bos, grappig dacht ik, die heeft toevallig net als ik hier om de hoek op het Aloysius College gezeten dus zal hier vast wel eens geweest zijn.

Onderweg naar mijn volgende afspraak dacht ik er over na dat het wel jammer was dat ik uitgerekend met Inge te maken ga krijgen en dit haar aan ga doen, maar ja, je moet natuurlijk wel zakelijk blijven als investeerder, business is business!

Wat ben je aan het doen?

‘Wat ben je aan het doen?’ is de vraag die je ziet staan wanneer je iets wil toevoegen aan Facebook. Vreemd genoeg heeft deze sleutelzin, die aangeeft waarover Facebook ons vraagt met onze vrienden te communiceren,  per taal een andere betekenis. Zo komt de Duitse vraag overeen met de onze: ‘Was magst du gerade” hoewel de toevoeging ‘gerade’ meer specifiek is dan de onze die zonder tijdsbepaling een bredere strekking kan hebben.

Maar als je kijkt naar de Engelse openingsvraag ‘What’s on your mind’  gaat het niet meer om wat je doet maar om wat er omgaat in je hoofd, wat je bezig houdt, en in het Frans staat er zelfs ‘Exprimez-vous’ wat een nog bredere uitnodiging is jezelf te uiten en dat kan natuurlijk over van alles gaan.

Bij de Duitse en Nederlandse vraag staat dus het handelen centraal terwijl bij de bedenkers van Facebook in de US het gaat om wat je denkt, nogal een verschil qua invalshoek! Voor ons is het blijkbaar voldoende aan te geven dat we naar de film gaan terwijl voor een Amerikaan het  de bedoeling is uit te leggen waar je aan denkt als je van plan bent naar de film te gaan, wat je dacht toen je de film zag en hoe je de film achteraf vond.

Eigenlijk wel logisch want via WhatsApp, Instagram, en alle andere apps die gebruik maken van GPS weet Facebook allang waar we zijn en welke evenementen we bezoeken en is het dus veel interessanter voor Facebook te weten te komen wat we denken voordat we beslissen iets te doen, hoe we dat ervaren en achteraf waarderen. Marketing technisch belangrijke informatie die ons inzicht geven in bijvoorbeeld het koopgedrag van consumenten, onze tijdsbesteding en politieke voorkeur.

Vandaag publiceerde Facebook nieuwe kwartaalcijfers en voor het eerst in de geschiedenis blijkt dat het aantal bezoekers van Facebook langzaam terugloopt, maar daar heeft Mark Zuckerberg een goede verklaring voor. Zoals uit bovenstaande post blijkt denkt Mark’s brein dat Facebook niet alleen leuk moet zijn maar vooral goed voor het welzijn van iedereen en de samenleving in zijn algemeen met als belangrijkste doelstelling dat we de tijd die we op Facebook doorbrengen goed moeten besteden. Dus wil hij dat we allemaal niet meer naar onzin filmpjes kijken maar gaan werken aan het creëren van ‘betekenisvolle relaties’. Het lagere aantal bezoekers kan dan ook worden verklaard uit wijzigingen die Facebook al heeft geïmplementeerd waardoor wij nu al minder ‘Viral video’s’ te zien krijgen.

Dat willen we natuurlijk allemaal wel, ‘betekenisvolle relaties’, maar het is de vraag of Facebook wat dt betreft niet te ambitieus is. Door deze doelstelling begeeft Facebook zich op de markt van welzijn en geluk en ik moet er niet aan denken dat binnen Facebook in ene een scherm opduikt dat ik niet alleen vrienden heb maar ook betekenisvolle relaties met een aantal van hen en helaas een groot aantal anderen beter kan afvoeren omdat die waarschijnlijk gezien hun Facebook gebruik dat nooit zullen worden…

Niks helpt

Gisteren voor het eerst een Filosofisch Café bijgewoond georganiseerd door de ISVW in Leusden en daar een interview van Marthe Kerkwijk met Denker des Vaderlands René ten Bos bijgewoond. Een belezen man, die René ten Bos, tijdens het interview strooide hij met citaten van filosofen en verwees hij naar tal van boeken die mij als beginnend filosoof een leeslijst van jaren zouden opleveren, geen beginnen aan!

Tijdens het interview stonden zijn gedachten over het ‘Antropoceen’ tijdperk centraal, de periode waarin we nu leven en die, volgens René ten Bos, wordt gekenmerkt door het feit dat de mens steeds meer in staat is zijn natuurlijke leefomgeving naar eigen goeddunken in te richten terwijl dit op termijn ongewenste gevolgen heeft voor ons klimaat.Dit leidt tot een fundamentele desoriëntatie: sinds een tijdje weten we heel goed wat er aan de hand is met onze aarde en wat op termijn de effecten zijn, maar zijn we niet in staat vanuit een gemeenschappelijk gedeeld algemeen belang dit om te zetten in concrete acties. In plaats daarvan stellen we normen vast voor de lange termijn (klimaatakkoord Parijs) en gaan we gewoon door onze leefomgeving vanuit het oogpunt van korte termijn behoeftebevrediging te vervuilen: ‘we dwalen zonder te weten wat we met de aarde aan het doen zijn’.

Dit probleem kan je volgens hem niet oplossen door het wijzigen van individueel gedrag. Als je voor jezelf beslist voortaan vegetarisch te gaan eten, niet meer te gaan vliegen en je dak vol te gooien met zonnepanelen draagt dat niets bij aan de oplossing. Individueel handelen heeft totaal geen impact op ons ecologisch systeem en de klimaatontwikkeling, niets helpt dus. Dat kan alleen maar als we fundamenteel anders gaan denken over de relatie tussen de mens en natuur, zij staan niet los staan van elkaar zoals de achttiende eeuwse filosoof Immanuel Kant stelde. René ten Bos is het daar niet mee eens, zij beïnvloeden elkaar juist wederzijds omdat de mens zelf ook onderdeel is van de natuur.

Ter illustratie kwam hij met de vraag wat je moet doen wanneer je in de natuur verdwaald bent, daar heeft hij uitgebreid onderzoek naar gedaan. De algemene opvatting daarover is dat je dan het beste in één rechte lijn kan blijven doorlopen, uit onderzoek blijkt echter dat dat niet de meest effectieve strategie is. Beter is het eerst onder een boom te gaan zitten en goed te observeren wat je ziet: waar staat de zon, uit welke hoek komt de wind, hoe gedragen vogels zich, zijn er aanwijzingen te vinden, wat een goede route zou kunnen zijn etc.… Culturen zoals bijvoorbeeld de Masai in Afrika staan veel dichter bij de natuur en kunnen zonder kompas of GPS systeem de weg feilloos vinden. Door alle technische hulpmiddelen die we tegenwoordig hebben zijn wij steeds verder van de natuur af gaan staan en zijn we hopeloos verloren als onze mobiele telefoon het plots niet meer doet. En deze fundamentele kloof tussen natuur en cultuur wordt steeds groter zodat het steeds moeilijker wordt dit probleem op te lossen.

Twee jaar geleden heb ik in Tanzania vanaf de veranda van mijn lodge een dag met een verrekijker (sic!) zitten kijken wat er zo allemaal voor mijn ogen gebeurde. Je kon van onze veranda heel ver kijken tot aan Lake Manyara op zo’n 1,5 uur lopen afstand. En er was veel te zien: vogels, luchten, bootjes, dieren, kudden, honden, motoren, geuren en niet te vergeten het licht dat elk moment van de dag weer anders was. Naast de lodge woonden een aantal Masai. Je kon ze ‘s morgens in kleine groepjes samen met hun honden naar het meer zien lopen waar hun kudden vroeg in de ochtend en zonder begeleiding naar toe waren gelopen om water te gaan drinken.

Aan het eind van de ochtend gingen de Masai op pad om ze op te halen, een dagelijks terugkerend patroon. Met mijn verrekijker kon ik ze goed volgen en elke keer als ik ze opzocht waren ze weer een stuk verder. Het grappige was dat ‘lopen’ bij de Masai niet echt lopen is zoals wij dat doen: in één rechte lijn van a naar b lopen. Soms liepen ze een stuk hard, dan stopten ze even, gingen ze zitten of uit elkaar, en daarna weer stoeiend en speels verder.

Aangekomen bij de kudde duurde het wel drie uur voor ze de kudde bij elkaar hadden gedreven en even lang om die kudde weer naast onze lodge te krijgen. Een ritueel dat zich al eeuwenlang dagelijks herhaalt en waar geen technische hulpmiddelen aan te pas komen en waar ik geboeid naar zat te kijken.  Tot ik op de veranda naast ons in ene een grote groene boomslang zag liggen en snel de bewakers via de mobilofoon, die we van hen hadden gekregen, oppiepte om de slang weg te jagen. Het bleek een behoorlijk gevaarlijke exemplaar te zijn.

Mooi dat er nog culturen als de Masai die zo dicht bij de natuur staan, dacht ik toen. Totdat ik vanmorgen in een column van Sheila Sitalsing in de Volkskrant las dat de Masai wel degelijk van deze tijd zijn. In de Financial Times heeft afgelopen weekend een artikel gestaan dat de Masai vijf jaar geleden een organisatie hebben opgericht, de ‘Masai Intelectual Property Initiative Trust’, om hun cultureel erfgoed te beschermen en hun recht te halen bij de commerciële exploitatie daarvan. Volgens het artikel zouden de Masai honderden miljoenen aan royalties kunnen opeisen van bedrijven als Louis Vuitton die al jaren roodgeruite Masai sjaals en dekens in hun collectie hebben (zie bovenstaande foto, genomen bij Lake Manyara, ik ben de tweede van links). Ook de Masai kunnen dus niet ontkomen aan de onze Westerse, op economisch nut gebaseerde, principes. Niets is wat het lijkt.

Wellicht een beetje pessimistisch verhaal van René ten Bos maar ik ben het met hem eens dat je beter een pessimist kan zijn die af en toe verbaasd constateert dat iets werkt dan een optimist die steeds opnieuw constateert dat de dingen niet blijken te werken zoals verwacht …

Digitale levenskunst

Twee van de begrippen die tijdens mijn studie ‘Praktische filosofie‘ centraal staan zijn de begrippen ‘praktische wijsheid’ en ‘levenskunst’.

De Grieken maakten een onderscheid tussen ‘phronèsis‘, praktische wijsheid of verstandigheid, en ‘epistèmè’, kennis. Praktische wijsheid heeft betrekking op concrete situaties en hoe een verstandig iemand het best kan handelen in een concrete situatie, wat kan je dan het beste doen? Om goed te kunnen inschatten wat je het best kunt doen in een gegeven situatie heb je twee dingen nodig: onderscheidingsvermogen en zelfkennis. Onderscheidingvermogen is het vermogen goed te kunnen waarnemen en zelfkennis het vermogen om goed te kunnen inschatten wat het best bij jou past wanneer je iets moet doen. Anders dan algemene kennis is praktische wijsheid direct toepasbaar voor ons en geeft aan hoe we alledaagse situaties  kunnen inschatten en hoe we concreet in zo’n situatie kunnen handelen.

Bij ‘levenskunst’, het woord zegt het al, staat de vraag centraal hoe te leven, hoe kijken we tegen het leven aan en hoe zetten we dat om in praktisch handelen, voor veel filosofen in de oudheid het hoofdthema. Een goed voorbeeld hiervan zijn de overpeinzingen (ook wel meditaties genoemd) van Marcus Aurelius, de laatste verlichte keizer in Rome, die regeerde van 161 tot 180 AC. Hij schreef deze overpeinzingen In het Grieks onder de titel ‘Ta eis heauton’, wat ‘Aan mijzelf’ betekent. Het opschrijven van deze overpeinzingen was voor hem een manier om tot zelfkennis te komen en een middel tot zelfverbetering. Zijn werk is nog steeds goed leesbaar en wordt veel geciteerd en is voor velen een gids geweest met voorschriften voor hun praktisch handelen.

De praktische filosofie heeft dus als doel dat de filosofie niet alleen een louter theoretische exercitie is, maar tot praktische richtlijnen leidt om een gewenste levenshouding te bereiken. Als je weet hoe te handelen in een bepaalde situatie brengt dit minder ‘gedoe’ met zich meebrengt zoals de filosoof René Gude vlak voor zijn overlijden stelde. Volgens mij zijn veel mensen daar wel weer aan toe: praktische leefregels die werken en die het leven zelf aangenamer maken en goed zijn voor je gemoedsrust…

Om dit te onderzoeken heb ik, gedachtig de overpeinzing van Marcus Aurelius hierboven, de afgelopen weken bij mijzelf een test gedaan, het is immers de bedoeling dat zo’n cursus ‘Praktische filosofie‘ bij de ISVW ook nog wat oplevert! Hierbij de resultaten van mijn bevindingen ten aanzien van een onderwerp waar ik al eerder op deze blog geschreven heb zonder met een oplossing te komen: ons excessieve gebruik van het internet en de negatieve gevolgen daarvan.

Concrete situatie:

We zitten allemaal te veel achter onze laptops en mobieltjes. Zo langzamerhand is iedereen er wel van overtuigd dat dat naast positieve ook veel negatieve gevolgen heeft en dat we daar als samenleving niet beter van worden. Zo leidt excessief internet gebruik tot verslaving, concentratieproblemen, slaapgebrek, eenzaamheid etc..

Onderscheidingsvermogen:

Zelfs Apple ziet dit nu als een probleem en zoekt de oplossing in nieuwe apps die de toegankelijkheid van het Internet qua inhoud en duur beperken. Dit gaat volgens mij echter niet werken omdat het gebruik van het internet met gedrag te maken heeft en het wijzigen van ingesleten gedrag is niet zo eenvoudig. Daarbij zou het kunnen helpen om een aantal simpele richtlijnen op te stellen om het online gedrag verbeteren en die als leidraad te nemen bij het Internet gebruik.

Zelfkennis:

  • Ook ik spendeer teveel tijd online met zaken die eigenlijk onzin zijn;
  • Daardoor blijft er minder tijd over voor zaken die meer relevant zijn;
  • Tevens erger me vaak als ik online ben aan de grote aandacht die politici en opiniemakers krijgen die er ongenuanceerde meningen op na houden;
  • Ook stoor me aan het gebrek aan wetenschappelijke en journalistieke kwaliteit van wat er allemaal op het internet gepubliceerd en gepost.

Praktisch handelen:

  • Ik heb alle meldingen op mijn mobiele telefoon uitgezet zodat er niet steeds iets knippert of bromt en mijn aandacht wordt afgeleid van wat ik op dat moment aan het doen ben;
  • Ik heb een flink aantal apps op mijn mobiele telefoon verwijderd die ik ook op mijn laptop staan (LinkedIn, Facebook, Twitter, Instagram), die bekijk ik daar wel als het mij uitkomt;
  • Ik gebruik mijn smart phone alleen nog maar voor telefoon, sms en WhatsApp;
  • Ik heb iedereen waar ik me aan erger wegens ongenuanceerde meningen uit mijn social media verwijderd;
  • Ik neem mijn smart phone niet altijd overal meer mee naar toe.

Gemoedsrust:

Ik kom weer toe aan de (papieren) krant en dat is eigenlijk toch wel met stip mijn meest betrouwbare nieuwsbron. Vaak kwam ik er de laatste tijd niet aan toe die echt goed te lezen en met een dagelijkse frequency van het nieuws heb je eigenlijk wel genoeg informatie om op de hoogte te blijven van wat er allemaal gebeurd. Sterker nog: daardoor krijg je meer achtergrond informatie en een betere filtering van het nieuws dan via social media en online nieuwsmedia. Met medelijden kijk ik nu naar al die mensen die de hele tijd naar hun mobieltje staren en geen aandacht hebben voor wat er om zich heen gebeurd en ik erger me veel minder dan vroeger aan ongenuanceerde meningen. Als bijproduct van het verminderen van mijn internetgebruik zijn de meeste talkshows op de televisie in ene minder interessant geworden omdat die vaak een verlengstuk zijn geworden van social media en vaak onderwerpen behandelen die op het internet hypen. Tevens levert de opschoning op mijn mobiele telefoon een langere gebruiksduur op omdat het verwijderen van apps en uitzetten van meldingen de performance sterk doet verbeteren.

De praktische filosofie kan dus helpen door nieuwe inzichten te geven die leiden tot praktische richtlijnen die het leven zelf aangenamer maken en goed zijn voor je welzijn en gemoedsrust.

Naast bovenstaande case zijn er natuurlijk veel meer van dit soort cases te bedenken die kunnen leiden tot praktische richtlijnen voor de moderne mens die in een snel veranderende wereld naar houvast zoekt. Bij deze een eerste opzetje, een start is gemaakt!

Aanvulling 11 januari 2018.

Kreeg de vraag binnen van Els Beijderwellen wat de vertaling is van de quote van Marcus Aurelius hierboven, leuke uitdaging! Eerst maar even door Google translate gehaald:

‘Laat het je constante methode zijn om te kijken naar het ontwerp van de acties van mensen en te zien waar ze zouden zijn, zo vaak als het praktisch uitvoerbaar is; en om deze gewoonte des te belangrijker te maken, oefen het eerst op jezelf.’

Beetje onduidelijk vertaling, die vertaalprogramma’s hebben zo hun beperkingen, dan maar zelf een poging waarbij ik de vrijheid heb genomen mijn eigen interpretatie erin te verwerken:

‘Onderzoek steeds opnieuw wat iemand zegt van plan te zijn te gaan doen en wat hij/zij feitelijk doet en doe dit zo vaak mogelijk; nog beter, onderzoek dit eerst bij jezelf.’

Socrates zei het al: probeer jezelf zo kort en bondig mogelijk uit te drukken! Als iemand een betere vertaling heeft hoor ik het graag…