Turing Gedichten Wedstrijd

Toen ik mei 1975 als 19 jarig beginnend en veelbelovend dichter op het podium van het Concertgebouw stond tijdens de ‘Nacht van de poëzie’ om mijn eerste gedicht voor te dragen kon ik geen woord uitbrengen: punt was dat ik mijn eerste gedicht toen nog moest schrijven. Ik was als een van de eerste bezoekers de zaal in gelopen en trof daar de gehele nationale Dichterselite gezellig aan de dis, ze hadden, voor de zaal open ging, met zijn allen op het podium zitten eten en (vooral) drinken. Ik vroeg of er nog wat van het buffet over was en werd uitgenodigd aan te schuiven. Deze uitnodiging kon ik niet afslaan dus ging ik gezellig op het podium zitten en dronk een glaasje mee: ik heb de hele nacht op het podium gezeten en dat was erg leuk.image

Cees Buddingh schreef later een column over deze ‘Nacht van de poëzie’ in de Volkskrant met de titel ‘Dat was eens maar nooit meer’: het was een complete chaos en Geert Lubberhuizen, die alles aan elkaar moest praten, deed vergeefse pogingen de 40 aanwezige dichters tot de orde te roepen. Hugo Claus had zijn toenmalige vriendin Sylvia Christel meegenomen (zie foto) en dat dwong respect af, Harry Mulisch bleef zoals gewoonlijk een heer, Simon Vinkenoog had weer teveel gerookt en Johny de Selfkicker had een zeer ernstige vorm van zonnesteek en schreeuwde het uit. De volgende dag stond in de Volkskrant een column van Hopper (Nico Scheepmaker) die zich afvroeg wie toch die jongeman was die de hele avond op het podium had gezeten en die slechts 1 zin in de microfoon had gesproken, dat was ik dus met het kortste gedicht ooit, de inhoud van mijn debuutzin als dichter  ben ik helaas vergeten.

Dichten en schrijven zijn activiteiten die je normaal gesproken, er zijn uitzonderingen, zoals J.K. Rowling, niet in het publiek doet. Met schrijven kan je, als je het goed kan vermarkten, nog wel je boterham verdienen. Met dichten kan je dat wel vergeten. Een oplage van 500 is al heel veel en waarschijnlijk komt een flink deel van de dichtbundels uiteindelijk bij De Slegte terecht, of hoe de opvolger hiervan ook mag heten. De enige manier om er nog aan wat te verdienen is het optreden als dichter, iets wat eigenlijk tegen de aard van dichters in gaat: gedichten moet je lezen en niet horen, althans naar mijn mening. Als je dichters hun gedichten hebt horen voordragen kan je de gedichten van sommige dichters niet meer lezen zonder hun karakteristieke stemgeluid in je achterhoofd te horen, Jan Wolkers en Jules Deelder zijn goede voorbeelden. Maar het gaat natuurlijk om het gedicht zelf, dat moet natuurlijk een intrinsieke waarde hebben.

image

De nacht van de poëzie bestaat gelukkig nog steeds en we hebben nu ook een Turing Nationale Gedichten Wedstrijd. Deze gedichtenwedstrijd is een initiatief van de De Turing Foundation, opgericht in 2006 door Pieter Geelen en zijn vrouw die dit fonds hebben gefinancierd uit de opbrengsten die zij verkregen bij de beursgang van TomTom, Pieter was een van de oprichters. Naast deze wedstrijd gaat veel geld naar goede doelen en daar ben ik erg voor. Dit is meer te waarderen dan je geld uitgeven aan privé ballonvluchten, het in vrije val naar beneden springen of andere narcistische uitingen.

image

Vorige jaar voor het eerst meegedaan aan de wedstrijd en ik doe deze keer weer mee. Leuk om te doen hoewel het niveau van de winnaars me wel tegen valt. Gelaagdheid is erg uit de mode en moeilijke woorden gebruiken wordt ook niet gewaardeerd, zie de WordCloud hierboven van alle woorden die vorig jaar bij de ruim 10.000 inzendingen gebruikt werden.

Als je mee wilt doen kun je je hier aanmelden: www.turinggedichtenwedstrijd.nl

NASCHRIFT:

Reactie Turing Gedichten Wedstrijd op Twitter:

@dichtwedstrijd: @GerardGeerlings leuk om te lezen! de woordwolk bestaat overigens niet uit alle wolken, maar alleen de meest gebruikte iot de top 100

@dichtwedstrijd: @GerardGeerlings de unieke dichterlijke woorden komen we hier niet tegen, gelukkig zijn ze er wel!

@GerardGeerlings: @dichtwedstrijd Wellicht beter het een gekwalificeerde steekproef te noemen dan, zal het aanpassen!

Bij deze.

Roemenië – dag 3

Laatste dag in Roemenië vandaag. Gisteren nog leuke avond gehad, liep vlak bij het hotel, zag hoop jonge lui een oud gebouw in gaan en dat maakt nieuwsgierig. Bleek omgedoopt tot een soort cafe en cultuurcentrum met de mooie naam Cafe Moszkva, het complex bestond uit meerdere ruimtes en een muziekpodium en het was er erg druk. Het enige nadeel is dat er in Roemenie overal nog fling gerookt wordt, dus ook hier. Later hoorde ik dat een van de bedrijven die ik eerder bezocht had in Oradea op deze locatie op de zaterdagmorgen computerlessen geeft aan de jeugd van 8 tot 14 jaar.

IMG_0568-0.JPG

Er was maar 1 stoel vrij dus ben daar gaan zitten en het duurde niet lang voordat ik contact had met de mensen om me heen die bij elkaar bleken te horen en een verjaardagspartij vierden, in no time was ik ingeburgerd en deel van het feest. Een tijdje met de jongelui zitten kletsen om hun visie op de wereld te horen, ondertussen werden de glazen steeds gevuld en kreeg ik af en toe een borrel bijgeschonken. Op een gegeven moment maar weg gegaan want het tempo lag wel erg hoog en ik wil natuurlijk ook niet onbeleefd zijn. Communicatief erg open de Roemenen. Geldt dus niet aleen voor mijn gesprekspartners, ook de ober in het hotel komt gezellig met een kopje koffie bij me zitten tijdens het ontbijt.

Vandaag dus maar een beetje kalm aan gedaan, mooi weer en na een wandeling door de stad langs de rivier en veel koffie nog een laatste keer met de Dean gesproken. Positieve evaluatie en ik heb een paar acties om bedrijven die ik daar bezocht heb verder te helpen. Tevens een afspraak met een bedrijf in Nederland verder te praten over samenwerking, deze afspraak staat al voor deze week.

Daarna weer terug gebracht naar Debrecen in Hongarije voor de vlucht terug naar Nederland die zonder problemen verliep. Al met al interessante trip en ik raad iedereen aan eens die kant op te gaan als je in de gelegenheid bent.

Roemenië – dag 2

5 uur op de achterbank van een auto doorgebracht met de Dean van de Griffith School of Management om in Cluj-Napoca, ook wel het Silicon Valley van Roemenië genoemd, aanwezig te zijn bij de diploma uitreiking voor de studenten die een cursus Test Management hebben afgerond bij de Informal School of IT. Deze opleiding bestaat al lang en leidt mensen op die buiten de IT werken en zich willen omscholen naar de IT, kost ze wel hun vrije zaterdag. Hoewel ik al twee en een half uur met de Dean in de auto had gesproken, was het niet tot mij doorgedrongen dat ik de belangrijkste spreker was.

image

Voor ik het wist stond ik voor de zaal en moest ik wat zeggen, dus begon ik een verhandeling over de wederzijdse verhoudingen tussen Roemenië en Nederland, de rol van ICT en de enorme kansen die er zijn in de ICT… Na mij kwamen er nog een 12-tal sprekers maar aangezien die allen in het Roemeens praten wist ik niet zeker of mijn verhaal wel aansloot bij het doel van de bijeenkomst; ze waren in ieder geval allemaal erg vrolijk. Terwijl na de diploma uitreiking iedereen aan de drank en hapjes ging moest ik aan de slag voor een interview met een journalist van een krant en daarna een filmopname voor een promotiefilm. ‘Zeg maar wat je net zei en kijk naturel in de camera’ was de opdracht, de Dean stond er tevreden bij te kijken. Stond er in 1 keer op.

Terug duurde wat langer vanwege de files maar dat gaf mij de gelegenheid ook de binnenwegen hier te inspecteren, kan best nog wel wat Europese subsidie aan worden besteed. Morgen vrije dag, hoewel de Dean nog even langs komt in het hotel voor een kopje koffie, gezellig! Begin het hier naar mijn zin te krijgen!

Roemenië – dag 1

Drie dagen op bezoek in Oradea Roemenië op uitnodiging van een recruiter die mij wil voorstellen aan een aantal bedrijven. Donderdag hele dag onderweg geweest om hier te komen: taxi, trein 2x, bus, vliegtuig, auto met chaufeur. Oradea ligt in het westen van Roemenië in de regio Transylvanie vlak over de grens met Hongarije en is een stad qua grootte vergelijkbaar met Amersfoort.

IMG_0565.GIF

 

Na een eerste etentje met de recruiter op donderdagavond vrijdag een vol programma: ontbijt met de Dean van de Universiteit, daarna naar de Griffiths School of Management, voor een speech van de Minister President van Roemenië, 2 uur college gegeven voor de studenten, 7 business cases besproken met studenten en van feedback voorzien en daarna 4 bedrijven in Oradea bezocht en kennis met eigenaren gemaakt: 2 IT bedrijven, een glas/venster productie bedrijf en een ‘waste management’ bedrijf.

Overal hartelijk ontvangen, aardige mensen en leuk te zien hoe deze regio zijn best doet zichzelf op de kaart te zetten. Veel van de ondernemers die ik hier gesproken hebben lange tijd in de US of West Europa gewerkt en besloten op een gegeven moment terug te keren en hier lokaal een nieuwe onderneming te starten. Na de val van de muur is er een ware uittocht geweest, Oradea is van zo’n 250.000 naar 170.000 inwoners gekrompen als gevolg hiervan. Nu doen ze erg hun best mensen, met name ondernemers, weer terug te krijgen en dat daar Europese subsidies voor zijn helpt natuurlijk. En door mensen zoals ik uit te nodigen hopen ze business te genereren en het imago van Roemenië te verbeteren, hebben ze last van.

image

Oradea zelf is hard bezig op te knappen, er zijn plannen het centrum autovrij te maken en er staan nog veel mooie oude gebouwen overeind die nodig een opknapbeurt kunnen gebruiken. Op het plaatje hierboven links zie je het Hotel waarin ik verblijf, mooi opgeknapt. Er is een subsidie regeling (weer van Europa) die zo in elkaar zit dat je 50% terug kan krijgen als je investeert in restauratie en als je het niet doet krijg je een boete. Gisteravond, toen het nog niet regende, een wandeling door de stad gemaakt. Ik had wel een beetje een Fellini gevoel, veel bedelaars en dronken Roemenen tegengekomen die plots uit de het donker opdoken.

Morgen naar Cluj landinwaarts met de Dean van de Universiteit, een bedrijf daar bezoeken en daarna een ‘Graduation Event’ bijwonen bij de ‘Informal School of IT’, ja die hebben ze hier ook!

Aloysius College Den Haag

image

Wel even schrikken deze week, het Aloysius College (het AC) in Den Haag staat op de rand van de afgrond. Een dalend aantal leerlingen en een financieel tekort zijn er de oorzaak van dat deze school, waar ik op heb gezeten, wellicht gaat sluiten.

Ik heb met veel plezier op deze Jezuïeten school gezeten. Toen ik in 1968 op het AC begon had de school 500 leerlingen en zaten er alleen jongens op. We hadden nog les op de zaterdagochtend en het was er erg overzichtelijk met een klein docentencorps waaronder een groot aantal paters. In de pauzes liepen de leerlingen netjes rondjes op de ‘Cour’ en het ging er allemaal erg braaf toe. De paters jezuïeten hadden allemaal naast Theologie nog een tweede studie gedaan waarin ze meestal les gaven dus de kwaliteit van het onderwijs was erg hoog. De Jezuïeten zagen het als hun missie de katholieke jongens op te leiden tot de katholieke elite van de toekomst. Er zaten dan ook bekende Haagse Katholieke namen bij mij in de klas zoals Schmeltzer, Paagman, Aarden en Neuman.

image

Naast de school was het Patershuis waar je als leerling af en toe na de lessen kwam om de stof door een van de paters bijgespijkerd te krijgen: prive en werk liepen bij de paters door elkaar. Nu ik zelf in het onderwijs zit moet ik af en toe wel eens denken aan de onorthodoxe manier van lesgeven van sommige paters. Neem Pater Beemsterboer die het geschiedenisboek ‘De Wereld in Wording’ had geredigeerd. Aan het begin van de lessen gaf hij iedereen een voldoende (dan weet je nog niks) en via een systeem van plus en min punten beoordeelde hij je. Af en toe gaf hij eeen kroonpunt voor een heel slimme opmerking en dat is bij mij een keer gebeurd waardoor ik een 10 kreeg op mijn rapport voor geschiedenis. Ook nam hij ons eens mee naar de trap en gooide alle proefwerken maar beneden en gaf degene die het verst lagen het hoogste punt, hoe verder weg hoe meer inhoud, zit wel wat in..

image

Ik was de eerste lichting van het Mammoetonderwijs dat toen werd ingevoerd. Dat zorgde voor veel vakkenpakketten, steeds wisselende klassen en schaalvergroting. De Cornelis Jol Mavo kwam erbij en de school stond in eens open voor meisjes, wat in de overgangsfase trouwens best wel leuk was. Toen ik van school ging zaten er zo’n 1.200 leerlingen op.

Het Patershuis is al jaren gesloten en ik zou niet weten of er nog paters les geven, nu dus het bericht over het sluiten van het AC. Naast financiële problemen heeft het AC ook een imago probleem, Hagenezen gebruiken de afkorting AC voor Allochtonen College volgens huidig rector Kemping op de site Omroepwest.nl.

Misschien ook een teken dat de katholieke emancipatie omdertussen geslaagd is? De KVP bestaat niet meer en over bloedgroepen in het CDA hoor ik al een tijdje niets meer. Maar we hebben intussen wel een gewoon katholiek meisje als Koningin….

Aanvulling 3 december 2014:

Het Aloysius College in Den Haag is gered! Het schoolbestuur van de vermaarde middelbare school omarmt een reddingsplan van de Stichting ‘het AC gaat door’ volgens Hans Leijh, voorzitter van het bestuur van de Haagse school.

Aanvulling 4 oktober 2015:

Het doek is toch definitief gevallen voor het AC, jammer! Wel is er nog een afscheidsfeest op 18 december a.s.. Ga daar zeker heen!

Trends Creating New Business Models

Having worked for large corporations a long time and now investigating new trends, I see interesting things happening outside the corporate domain I think will influence the way we do business.

image

Traditional corporations work according to business models developed in the 19th century developing a product or service, bringing it to the market and selling it on a mass scale to customers worldwide. This model still works but also causes problems like the bonus culture, the marketing of unhealthy products, the impact of global distribution on the environment etc.. More and more companies are working according to new business models giving their customers more influence on what they produce, where it’s produced and how. The trends I describe below will have major impact on business and will change the competitive landscape significantly the coming years.

The local economy: all I want is available just around the corner.

Shop

Last weekend I was visiting a local fare trade market in Amsterdam where a lot of local small business presented themselves to the public. I was surprised of the number of small business presenting themselves and the quality of the products shown. In my hometown Amersfoort a market for biological and local grown food already exists for some time and is now even bigger than the traditional market. And just around the corner there is a biological cooperative supermarket where I can buy all my groceries. This supermarket, of which I’m a member, sells only local biological food from farms in the surrounding giving the local economy an impulse. And as a member I can influence the products they sell and their policies. People in this sector don’t earn a lot of money but they are highly motivated people working very hard to make a living. While a lot of traditional shops are closing because of the internet shops like these are growing in number and creating local jobs making also shopping more fun and improving the social environment.

The informal exchange economy: becoming supplier and consumer at the same time.

Ruilen

Another trend is that, while more and more people are using e-Commerce sites like Ebay or Alibaba, it becomes possible for all consumers to be active as both client and supplier. Through the internet you can buy and sell without all the formalities of doing official business. Want so sell or buy a second hand car? Need a plumber to repair something? Post it on Yelp or Uber. You see at this moment a lot of new Apps becoming available for supporting the C2C marketplace, with or without exchange of money, creating a new bottom up informal economy (and you will never know what is really happening here Big Brother!). Existing Online companies like Amazon.com are very interested in this market and have planned to add location based services to their portfolio. With this direct C2C way of doing business products and services are directly exchanged between people without interference of traditional company’s. The volume of this market is not easy to measure because the deal is closed in the end between two individuals, but the traffic on C2C websites is growing and huge. A reason why government is looking eagerly how they can control and tax the transactions closed

The new make Industry: the switch from mass marketing to user specific production.

3D Printer

The last couple of years a lot of people tried to start-up new business by focussing on the services industry. They tried to sell their knowledge and skills to companies and were contracted as long they were needed by these companies. The growth of this flexible workforce started while companies had problems hiring people while the economy was still running well. With the recession this market decreased and the market for communication managers, project managers and consultants is very crowded. You can see now a new trend students are choosing for technical studies and are more focussing on creating and developing and producing new products. And with the availability of new tools and technologies like the 3D printer it becomes possible to produce client specific products on a limited scale. Instead of designing standard products for the market which can be marketed, sold, produced and distributed on a massive scale it’s now possible to make more and more products local or at home without needing to pay for the high corporate overhead, marketing and distribution costs.

Concluding

It’s always difficult to look in the future but the three trends I described above have added value to our economy. They are better delivering what the customer needs, creating new jobs and improving the quality of life, work and our environment.