Debuterende schrijvers en de communicatie paradox

Dit jaar was het erg warm in Frankrijk tijdens mijn vakantie, niet alleen in de Provence maar ook in de rest van het land. En wat doe je dan, zittend voor je tent aan de rand van een rivier, terwijl iedereen druk bezig is met het managen van zijn caravan of camper?

Lezen!

De eerste drie boeken die ik heb gelezen zijn van drie deelnemers aan de laatste debutanten wedstrijd, het leek me interessant te onderzoeken of deze debuutromans de moeite waard zijn, wat hun thematiek is en of er een overkoepelend thema te ontdekken is bij de nieuwe generatie schrijvers. Het gaat om de volgende boeken:

  1. ‘Birk’ van Jaap Robben – 31 jaar
  2. ‘De consequenties’ van Niña Weijers – 28 jaar
  3. ‘We zullen niet te pletter slaan’ van Nina Polak – 29 jaar

image

Allereerst de terechte winnaar van de Dioraphte Literatour Publieksprijs 2015: Jaap Robben met zijn debuut Birk. Dit boek gaat over een gezin dat op een eiland in de Noordzee woont met slechts één medebewoner, een buurman die visser is. In het begin van het boek verdwijnt de vader Birk en blijft zijn zoon Mikael met zijn moeder en deze visser op het eiland achter. De kern van het verhaal is de band tussen de opgroeiende zoon en de dominante moeder die haar zoon geen ruimte geeft zich te ontwikkelen en hem het liefst ziet in de rol van de vader. Dit ontaardt in een psychologische strijd waarbij er geen winnaar is. Mikael is voortdurend op zoek naar erkenning als zoon en wil een zelfstandig leven leiden maar wordt tegen gewerkt door zijn moeder, haar motieven blijven echter onduidelijk waardoor een vreemde gespannen sfeer ontstaat. Door de desolate entourage van een eiland worden de problemen van Michaal uitvergroot wat een prachtig en tot het laatst spannend boek oplevert. Het volgende boek van Jaap Robben ga ik meteen kopen, geweldige schrijver!

image

Het debut van Niña Weijers gaat overeen jonge vrouw, Minnie Panis, die in Amsterdam op de kunstacademie heeft gezeten, en na haar afstuderen erg succesvol is in de internationale kunstscene. Minnie heeft zichzelf tot het centrale thema gemaakt van haar kunst en alles gaat in het boek over Minnie want Minnie is apart in tegenstelling tot de buitenwereld, dat moge duidelijk zijn. Er komen in het boek geen normale mensen voor, iedereen is kunstenaar of heeft op zijn minst mee gedaan aan boer zoekt vrouw. Contact met familie is er niet, alleen de moeder van Minnie komt in het boek voor, maar zij speelt slechts een bijrol. Kunst maken is niet alleen een creatief proces maar belangrijker is het conceptuele, de marketing, het omgaan met je manager en jezelf goed kunnen verlopen. Hoewel we heel veel over Minnie Panis te weten komen leren we haar niet echt kennen. De hoofdpersoon streeft naar erkenning als kunstenaar en gaat daarbij zover dat ze er zelfs naar streeft als persoon niet meer te bestaan doormiddel van zelfmoord als ultieme kunstvorm. Een bij vlagen goed geschreven boek maar het had ook in wat minder bladzijden geschreven kunnen worden, soms is het te veel een kunstcollege dat geen relatie meer heeft met de verhaallijn. Tevens geeft ze aan het eind van het boek aan stukken van anderen te hebben overgenomen, zonder precies aan te geven wat, zodat je niet altijd weet wat door wie wat is geschreven, jammer!

image

Het derde debuut van Nina Polak speelt zich ook af in Amsterdam en gaat ook over een gezin waarin Schard en Anna opgroeien. Ze zijn omringd door volwassenen die zich zelf het centrum der dingen wanen en erg met zich zelf bezig zijn waardoor broer en zus in een chaotische gezinssituatie opgroeien en erg veel moeit hebben zich hiervan los te maken en een zelfstandig leven te gaan leiden. In tegenstelling tot Minnie Panis, die geen familiebanden heeft, hebben Schard en Anna er velen en wordt dit door hen als beklemmend ervaren. Het boek speelt zich, net als het boek van Niña Weijers af in de Amsterdamse kunstwereld maar wordt wel vanuit een ander perspectief geschreven. Voor Minnie is de omgeving entourage terwijl dit voor Schard en Anna beklemming betekent waaruit ze zich willen bevrijden. Tot aan het eind van dit boek ontwikkelen broer en zus zich nauwelijks, durven ze geen relaties met anderen aan te knopen en zijn ze onzeker over zich zelf. Het boek eindigt dan ook met broer en zus die samen bij hun moeder een kop thee gaan drinken, je kan als kind beter geen ouders hebben die in de jaren zestig zijn opgegroeit! Hoewel er weinig spanning in het boek zit wel goed geschreven, van deze schrijfster gaan we vast meer horen.

Wat deze drie boeken die ik van deze debutanten gelezen heb gemeenschappelijk hebben is dat ze allemaal gaan over opgroeiende jongeren die streven naar erkenning als persoon en het zich willen los maken van hun ouders, wat een moeizaam proces is en een hoop stress veroorzaakt. De verhalen spelen zich af in de eigen micro-omgeving, centraal staat de zelfontplooiing van de hoofdpersoon die zich opgesloten voelt en wil bevrijden uit de beknellende omgeving van zijn opvoeding, het onvermogen te communiceren met de zelfbewuste oudere generatie speelt daarbij een belangrijke rol.

image

Niet voor niets hebben zowel Niña Weijers als Nina Polak Marina Abramović als held, de performance kunstenares die in het MoMA in New York zwijgzaam bezoekers in haar ogen liet kijken, het ‘niet communiceren’ gereduceerd tot ultieme vorm van kunst in een tijd dat er juist zo veel aandacht is voor communicatie. Hoe kan het dat in onze informatiesamenleving, waarbij er door de sociale media nieuwe communicatie vormen bijkomen en die het makkelijker zouden moeten maken te communiceren (WhatsApp, Facebook), het juist voor opgroeiende kinderen steeds moeilijker wordt zich te ontwikkelen? Ik zou dit de communicatie paradox willen noemen.

Wat mij tevens opviel bij al deze debutanten is de afwezigheid van de grote thema’s als terrorisme, de islam, het milieu, de economische crisis en werkloosheid of de opkomst van het internet. Het gaat bij deze debutanten steeds om het aangaan van relaties, de invloed vaan het gezin waaruit je voorkomt, het loskomen van je ouders etc.: de eeuwige steeds terugkomende thema’s in de literatuur!

Leuk deze boeken te lezen van deze debutanten!

Geen WIFI

Ik kan mijn laatste blog nog niet publiceren omdat ze hier in Caylus in de Quercy aan de rivier geen WIFI hebben, ze dat ook niet belangrijk vinden, ze liever gezellig met elkaar een praatje maken, de bakker pas om half tien komt, of wat later, de winkels nog van twaalf tot vier gesloten zijn, kan ook wat later zijn, familie en vrienden belangrijker zijn dan klanten, er geen kranten te koop zijn, een wijntje nog gewoon twee euro kost en het vandaag (weer) vijfendertig graden gaat worden…

Basics

 

Generatie Eigenwijs

henk becker

Ik ben zo’n 30 jaar geleden in Utrecht als Socioloog afgestudeerd bij Professor Henk Becker die toen al bezig was met onderzoek naar generatie cohorten. Iedere generatie groeit op in een zich veranderende sociaal, economische en culturele omgeving en maakt collectief een aantal ontwikkelingen mee die bepalend zijn voor de hele cohort. 

Ik moet daar vaak aan denken als er gesproken wordt over de generatie oudere werklozen van boven de 55 die niet meer makkelijk aan het werk komt en dat zijn er behoorlijk veel tegenwoordig! Behoor je tot deze cohort dan zijn je kansen op werk aanzienlijk kleiner dan als je tot de jonge, hoog opgeleide en enthousiaste generatie behoort. Vaak wordt dan als verklaring gegeven dat werkgevers geen ouderen in dienst willen nemen vanwege het hoge salaris en de kans en dat ze minder productief zouden zijn. ‘Leeftijdsdiscriminatie’ wordt er dan geroepen…

Ik denk dat er, vanuit de ontwikkeling van het generatie cohort waartoe ik behoor, ook nog wat anders speelt: mijn generatie is gewoon behoorlijk eigenwijs en laat zich niet makkelijk managen!

Geboren in de jaren vijftig in vaak nog traditionele gezinnen, zich zelf zoekend en heruitvindend in de jaren zestig, hoger geschoold dan onze ouders in de jaren zeventig, startend met een gezin in de jaren tachtig in een baan voor het leven, profiterend van de hoogconjunctuur en de hoge rentes en waardestijging van huizen voor de eeuwwisseling en de laatste 15 jaar behorende tot het management of middenkader zich aanpassend aan de snel veranderende omgeving vanwege economische crisis, opkomende nieuwe technologie en niet te vergeten het Internet, we zijn gewend geraakt aan het feit dat alles altijd beter wordt en dat wij daarvan kunnen profiteren!imagesGGIR3XYH

En dan zit je in de laatste fase van je carrière en dan blijken perspectief en opgebouwde zekerheden niet zo vanzelfsprekend meer te zijn! Ging de generatie voor ons nog rond hun 57ste met prepensioen of een mooie regeling bij ontslag, nu moet je tot je 67ste blijven werken. Het recht op WW wordt gekort en de ontslagvergoeding verlaagt, indien je geen werk kunt vinden mag je je vermogen aanspreken (als je het hebt) of je huis verkopen, de hoogte van het pensioen onzeker en de zorgvoorzieningen beperkt.

Na je hele leven voor een bedrijf of instelling te hebben gewerkt wordt je plots geacht te gaan netwerken, flexibel te zijn, ZZP’er of ondernemer te worden en te concurreren op de arbeidsmarkt met de jonge generatie die is opgegroeid met de smartphone in de wieg. Weg opgebouwde zekerheden en het groeipad wordt een plots een krimppad met onzekerheden over de kansen op werk en de oude dag voorzieningen. Daar hielden we ons vroeger niet meer bezig en nu krijgen we het plots benauwd als we aan de toekomst denken (zorgen die de jongere generatie overigens niet deelt,).

En dan zit je als werkgever van tussen de dertig en vijfenveertig tegenover een oudere sollicitant en vraag je je af: moet ik die enthousiaste jongere met een recente hoge en bedrijfsgerichte opleiding en die alles weet van sociale media en het internet aan nemen of die eigenwijze oudere sollicitant met een ongelofelijk sterk CV maar die mij als leidinggevend binnen de kortste keer de les gaat leren omdat hij alles al meegemaakt heeft en eigenlijk mijn baantje wil? Kies ik voor ‘Eager’ of ‘Eigenwijs’? Niet moeilijk toch?

Mijn tip voor mijn generatiegenoten: ‘reset’ jezelf, kijk goed om je heen, verlaag je ambitieniveau en maak er, gezien de omstandigheden, nog wat van! Een nieuwe uitdaging, dat wel, maar het kan ook nieuw perspectief geven en nieuw onverwachte kansen. Staar je niet te veel blind op factor geld: je hebt toch een mooi leven gehad en veel gezien, meer dan de generatie voor ons van vlak na de oorlog. En met pensioen en de hele dag op de golfbaan of elektrische fiets is ook niet alles…

Overigens is mijn oude Professor Henk Becker, inmiddels 82, nog steeds actief, blijkt hij vlakbij in Doorn te wonen, is uiterlijk geen spat veranderd, en heeft hij zelfs een eigen website: www.henkbecker.com. Zijn laatste boek is uit 2013:

Boek Henk Becker 2013

De voordelen van het particulier hoger onderwijs

Vandaag stond er een bericht op de voorpagina van de Volkskrant over de strategisch agenda voor het hoger onderwijs die minister Jet Bussemaker van Onderwijs vandaag gaat presenteren. Een van de belangrijkste punten van haar agenda is het creëren van 4.000 nieuwe docent banen in het hoger onderwijs (universiteiten & hogescholen) waarbij de financiering hiervan wordt gebaseerd op de helft van het vrijgekomen geld nu het systeem van studiebeurzen wordt vervangen door het sociaal leenstelsel. Bussemaker wil investeren in de kwaliteit van het onderwijs omdat het aantal studenten toeneemt, de collegezalen uitpuilen en er veel klachten zijn over de onpersoonlijke en de fabrieksmatige aanpak. Meer docenten betekent volgens Bussemaker kleinere groepen en meer individuele feedback van docenten naar de studenten toe. Een ander punt van haar agenda is het investeren in digitaal online onderwijs zodat studenten wereldwijd colleges kunnen volgen van de beste docenten (wat ze nu al kunnen doen want er is internationaal al veel aanbod).

Omvang hogescholen

Wat ik altijd jammer vind is dat de minister het nooit heeft over het snel groeiende particulier onderwijs dat al lang een aantal van de onvolkomenheden van het, door publiek geld gefinancierde, hoger onderwijs heeft opgepakt. Ik geef zelf sinds anderhalf jaar parttime les op een kleine particuliere hogeschool TIO in Amsterdam (daar zo’n 500 studenten) en mijn ervaring is erg positief over de mogelijkheden voor studenten zich te ontwikkelen. Ik zou toekomstige studenten en hun ouders adviseren hier ook eens naar te kijken want er zijn veel voordelen.

bannerovertio1b

Voor de student betekent het particulier onderwijs: 1) kleine groepen, in mijn geval maximaal 18 maar ik heb vaak veel kleinere groepen afhankelijk van het soort onderwijs, soms zitten ik rond de tafel met 6 – 8 studenten, 2) meer individuele aandacht vanwege de kleinschaligheid, er is veel persoonlijk contact tussen docent, student en studiebegeleider en 3) praktijkgericht onderwijs omdat veel docenten, net als ik, naast docent nog actief zijn als ondernemer of andere activiteiten uitvoeren. Juist de zaken die nu als negatief worden ervaren bij het regulier onderwijs, en waar Bussemaker zich druk over maakt, worden bij de particuliere hogescholen al opgepakt. Dit blijkt o.a. uit de landelijke studenten enquêtes die jaarlijks gehouden waarbij TIO steevast als hoogste scoort in de categorie middelgrote hogescholen.

Voor de docent een boeiende werkomgeving met gemotiveerde studenten, een klein en overzichtelijk docententeam en interessante nieuwe uitdagingen. Zo start TIO in september met een nieuwe studierichting ‘E-commerce, Marketing en Sales’, een richting waar erg veel vraag naar is vanuit het bedrijfsleven en voor mij, vanuit mijn ICT achtergrond, zeer interessant. Overigens worden docenten mede beoordeeld door de studenten en is het voor de docenten interessant hun feedback te krijgen, volgens docenten die ik ken uit het reguliere onderwijs gebeurt dat daar zelden en zeker niet structureel.

onderwijs 2

Blijft natuurlijk het financiële argument over, het particuliere hoger onderwijs wordt namelijk niet gefinancierd door de overheid, ze zijn op commerciële basis georganiseerd en dat kost natuurlijk geld. Studenten kunnen echter wel bij de overheid goedkoop geld lenen binnen het nieuwe leenstelsel dat per 1 september 2015 wordt ingevoerd. Deze week stond was in het nieuws dat uit onderzoek was gebleken dat veel studenten tegenwoordig meer lenen dan nodig voor het levensonderhoud en dit geld besteden aan doelen die niet studie gerelateerd zijn zoals vakanties en de aanbetaling voor het eerste huis. Waarom dan niet investeren in een goede opleiding met een hogere kans op een baan?

onderwijs

Maar de belangrijkste reden is denk ik toch de aandacht binnen het particuliere onderwijs voor studenten als individu. De huidige generatie studenten groeit op in een turbulente wereld met veel afleidingen om zich heen en een veeleisende arbeidsmarkt. Binnen de grote massale bureaucratische HBO instellingen is het vaak moeilijk voor studenten zich thuis te voelen, met name de creatieve studenten die snel afgeleid zijn vallen dan vaak buiten de boot.

Het is overigens maar de vraag of die 4.000 extra docenten die Bussemaker wil inzetten in het gesubsidieerde hoger inderwijs ook impact zullen hebben op omvang van de groepen en begeleidingscapaciteit voor studenten: waarschijnlijk zullen zij taken overnemen van overbelaste docenten die zich dan weer met andere zaken bezig kunnen houden. De cultuur in de massale onderwijsinstituten, waarbij de student niet centraal staat maar de score op de performance indicatoren van de subsidieverstrekker, moet eerst veranderen voordat dit soort maatregelen effect kunnen hebben. Kleinschaligheid nastreven in een grootschalige omgeving is een contradictio in terminis.

Een keuze voor een kleinschalige particuliere hogeschool zonder overheidssubsidie, waarbij de student centraal staat, heeft veel voordelen, met name voor studenten die individuele aandacht nodig hebben, dan kan een keuze voor een particuliere hogeschool een goede investering voor de toekomst zijn!

Even geen nieuw beleid a.u.b.!

media_xl_1453749Het kabinet Rutte-Asscher zit nu ruim 2,5 jaar in het zadel en heeft de afgelopen periode een groot aantal wetten en nieuw beleid door de Tweede Kamer gekregen met als sluitstuk een hoop maatregelen die per 1 juli van kracht zijn geworden en die beogen de arbeidsmarkt flexibeler te maken.  Inmiddels heeft het kabinet een groot aantal wijzingen doorgevoerd en telkens weer bleek dat het vastleggen van voornemens in wetten makkelijker is dan de uitvoering: je kan wel mooie ideeën hebben hoe iets zou moeten maar de uitvoeringspraktijk is vaak een stuk weerbarstiger.

Zo heeft elke minister in het kabinet wel zijn eigen hoofdpijndossier zoals van Rijn en de PGB, van der Steur en de reorganisatie van de politie, Henk Kamp en het gas in het Noorden, Eric Wiebes en de belastingdienst etc. De enigen die er wat dat betreft goed vanaf komen zijn Ronald Plasterk, die gewoon alles bij het oude laat, en de MP Rutte zelf die alles van zich af laat glijden en alles van de positieve kant ziet, een bijzondere eigenschap!

Overigens moet niet vergeten worden dat de kern van het VVD en PvdA beleid is het halen van bezuinigingsdoelstellingen de komende jaren, we weten dus nog niet of dit ook succesvol zal zijn en waarschijnlijk weten we dat pas ver in de toekomst als het kabinet al lang niet meer bestaat. Daarbij hangt het succes van het slagen van deze doelstellingen in grote mate af van de internationale economische ontwikkelingen en hebben de genomen maatregelen marginale effecten. Het succes van de flexibilisering van de arbeidsmarkt hangt bijvoorbeeld meer af van de economische ontwikkelingen dan de net ingevoerde maatregelen. Edith SchippersAlleen Edith Schippers heeft wat dit betreft echt concrete en significante resultaten geboekt. De akkoorden die zij sloot met zorgverleners over kostenbeheersing beginnen hun vruchten af te werpen en Schippers heeft recent de verwachting dat de zorgkosten in 2017 zouden zijn gestegen tot 87 miljard euro verlaagd tot 75 miljard euro: een daling van 12 miljard! In Griekenland zou daarmee het begrotingstekort in een klap flink dalen!

Het zou een goede zaak zijn als het kabinet de komende tijd GEEN nieuw beleid meer gaat maken en zich gaat concentreren op de uitvoering en realisatie van de doelstellingen zoals vastgelegd in de financiële kaders en, indien nodig, af en toe wat te corrigeren als er uitwassen zijn. Ook wij burgers hebben wel behoefte aan wat rust want er komt voor ons als burger ook wel een en ander op ons af wat betreft de zorg, de pensioenen, de rechtspositie van werknemers en werkgevers en de uitkeringen. Graag rust in de tent a.u.b.!

Wellicht een goed idee een aantal van onze meest krachtdadige ministers aan Griekenland uit te lenen nu hun belangrijkste taak er hier op zit? Ik ga er vanuit dat volgende week, na het referendum, er nieuwe verkiezingen worden uitgeschreven en een interim regering het land operationeel in de lucht moet gaan houden, daar kunnen ze wel wat hulp bij gebruiker! Ik dacht zelf aan Henk Kamp en Edith Schippers, met deze twee krachtdadige ministers zijn de problemen daar in no time opgelost en er zit genoeg kwaliteit in het kabinet om die twee tijdelijk te vervangen. Henk Kamp heeft al eerder als bestuurder op eilanden gewerkt en is in staat helder en duidelijk uit te leggen hoe de zaken in elkaar zitten, Edith Schpper is in staat snel resultaat te boeken in een comlexe omgeving met veel verschillende belanghebbenden. Daar hebben de Grieken pas echt wat aan!