Democratie en Debat

Eerst hadden we advocaat Peter Plasman die met de Partij voor de Niet-Stemmers aan de Tweede Kamerverkiezingen deel wil nemen, zijn belangrijkste belofte aan zijn kiezers: ‘In het parlement zullen wij nooit stemmen’. Plasman’s partij richt zich op de circa 25% niet stemmers die hij in het parlement een gezicht wil geven door via de verkiezingen wel zetels te behalen maar daar geen invloed me uit te oefenen op de politieke besluitvorming (de meerderheid wordt dan als al die 25% zouden stemmen 150 -/- 25% = 100,  met 51 zetels heb je dan de meerderheid).

En gisteren kwam  Jan Dijkgraaf in samenwerking met GeenStijl met de nieuwe partij GeenPeil, deze partij komt met een soort gelijk voorstel tot democratische vernieuwing onder het mom een systeem van  ‘directe democratie’ waarbij de leden elke week, voor iedere stemming’ en bij alle voorstellen het standpunt van de partij bepalen. Ook hier is er geen geen partijprogramma en zijn er geen standpunten: bij GeenPeil bepalen de leden de standpunten elke week opnieuw en voor iedere stemming.

Twee initiatieven die getuigen van een goed gevoel voor politieke marketing in een land waar de machtelozen geen stem hebben, zich niet vertegenwoordigd voelen door de politieke elite maar zich wel steeds luider laten horen. Dit soort partijen knagen aan de grondvesten van ons politieke democratische systeem en dagen de traditionele politieke partijen uit na te denken over democratische vernieuwing in een wereld waar de burger steeds meer middelen heeft om zijn mening of onvrede te uiten. De cyclus van eens in de vier jaar te stemmen werkt niet meer in deze snel veranderende wereld en de burger wil meer invloed op het beleid.

schermafbeelding-2016-12-06-om-10-45-21

Afgelopen zondag boog de bevlogen vrije denker David van Reybrouck in Buitenhof zich over dit onderwerp. David is al jaren een vurig pleitbezorger voor het zoeken naar nieuwe middelen om de democratie te versterken zoals bijvoorbeeld het G1000 initiatief. In Buitenhof pleitte hij voor het introduceren van een tussenvorm tussen verkiezingen en een referendum waarbij de vraagstelling tot debat moet uitlokken en er meerdere opties mogelijk zijn (een multiple choice referendum dus) . Goed voor het debat lijkt me maar lastig ten aanzien van de besluitvorming. Alleen al het bepalen van de vraagstelling lijkt me lastig, wie zou dat moeten doen? De politiek of  een burger initiatief? En wat doe je als de politiek de uitkomst niet respecteert zoals nu met het Oekraïne referendum? Dat geeft alleen nog maar meer onvrede.

Interessant is het daarom eens goed te kijken naar het G1000 initiatief zoals dat inmiddels ook in mijn woonplaats Amersfoort is opgepakt. Dit project loopt nu vanaf 2014 en heeft als doel “om een groep burgers en vertegenwoordigers van de stad een plek te geven waar zij samen bepalen wat ze belangrijk vinden voor Amersfoort” met als resultaat “10 plannen waar de stad zelf me aan de slag kan”. Dit plaatje komt van hun website en legt het basisprincipe uit:

De deelname aan de G1000 is gebaseerd op loting aangevuld door werkgevers en  politici en ambtenaren en de categorie ‘Vrije denkers”, niet voor niets rood in het plaatje want elke stad heeft tegenwoordig wel zijn eigen “freischwebenden Intelligenz” (naar Karl Mannheim), vaak “betrokken burgers”, goed gebekt en flink actief op social media. Deze ‘Vrije denkers” weten al hoe de wereld in elkaar zou moeten zitten maar willen zelf geen verantwoordelijkheid dragen door bijvoorbeeld politiek actief te worden: ze staan liever aan de zijlijn de politici, ambtenaren en weggevers te beïnvloeden. Aangezien ik tot geen van de “niet burger” partijen behoor zal het dus nog wel even duren voordat ik ingeloot wordt. Een debat gebaseerd op loting lijkt me een slecht idee, zeker omdat het de twee keer dat deze G1000 in Amersfoort is georganiseerd niet gelukt is de 10.000 ingelote burgers ook daadwerkelijk naar de bijeenkomst te krijgen, volgens de site hebben in 2016 500 mensen deelgenomen en dat is dan incl. de “niet burger” groepen, de organisatie en de journalisten: de aantallen per categorie zijn overigens moeilijk op de website te vinden.

Een leuk initiatief maar niet iets waar ik erg warm voor loop dus, als je een breed maatschappelijke draagvlak wil voor politieke beslissingen moet je wel alle burgers bij de discussie bereiken: de kleinste eenheid in een democratie is nu eenmaal de burger met stemrecht en het probleem is nu juist dat die tegenwoordig vindt dat zijn stem niet gehoord wordt. Ik voel daarom veel meer voor het institutionaliseren van het “brede maatschappelijk debat” (BMD) zoals bijvoorbeeld destijds over de kernenergie dat tussen 1981 tot 1983 werd gevoerd. Dit initiatief zou waarbij informeren, discussiëren, meningsvorming en besluitvorming centraal staan zou weer eens uit de ijskast moeten worden gehaald. Het eerste initiatief voor de BMD over de kernenergie kwam van de toenmalige minister van Economische Zaken Jan Terlouw, dezelfde die deze week bij DWDD een pleidooi hield voor een duurzame wereld waarin de mensen elkaar weer vertrouwen. De uitkomst van deze eerste BMD heeft overigens wel gezorgd voor een mortuarium op het bouwen van nieuwe kerncentrales dat nu nog steeds overeind staat.

mde

Volgens mij moeten politiek en debat weer bij elkaar gaan horen en dat is tegenwoordig steeds minder het geval. Bij de recente verkiezingen ging het niet om de inhoud maar op de personen en niet om de feiten maar om de emotie: door het debat breng je dit weer bij elkaar. En we hebben tegenwoordig met de komst van het Internet en social media veel meer middelen om dit te doen dan het organiseren van discussies in achteraf zaaltjes waar de vergadertijgers te vinden zijn, de doelgroep waar de traditionele partijen hun kader uit rekruteren. Daarbij past het niet burgers uit te sluiten bij deze discussie of een elite meer invloed te geven op het dabat dan de gewone burgers: daar komt juist veel onvrede over het huidige politiek systeem van vandaan (de achterkamertjes).

Wat mij betreft zou de volgende brede maatschappelijke discussie over de toekomst van Europa moeten gaan, daar kunnen we niet onderuit. Graag dit allemaal in jullie verkiezingsprogramma’s opnemen want als we dat niet doen zal de afkeer tegen Europa alleen maar toenemen.

Print Friendly, PDF & Email

Leave a Reply