‘Dat is mooi!’

Als je van Amersfoort via Soest naar Baarn rijdt kom je drie spoorwegovergangen tegen en dat ritje hebben we de laatste tijd veel gemaakt om onze kleinzonen terug te brengen naar hun ouders. De oudste is inmiddels twee jaar en kan zich sinds kort in volzinnen uitdrukken en verheugt zich dan vanaf de achterbank op het passeren van het spoor hopende dat de slagbomen dicht zijn en we moeten stoppen voor de passerende treinen. Eén keer hebben we het meegemaakt dat twee van de drie spoorbomen dichtgingen en in totaal vier trienen langs kwamen waaronder één wel heel erg lange goederentrein. ‘Dat is mooi!’ klinkt het dan blij van achter uit de auto.

Vorige week daarom mijn oudste kleinzoon maar eens meegenomen voor een wandeling over het station van treinknooppunt Amersfoort. Na de poortjes gepasseerd te zijn, wat op zich ook al een hele ervaring voor hem was, liepen we naar de trap om tree voor tree naar het perron af te dalen. Bovenaan de trap zag hij in de verte tegelijkertijd de treinen uit Groningen en Hengelo aankomen en tree voor tree daalde hij de trap af elke tree even stil staand om naar de aankomende trienen te kijken onder het uitroepen van ‘Dat is mooi!’.

Op het perron aangekomen rende hij van de ene kant naar de andere kant om de aankomend en vertrekkende treinen en de in- en uitstappende passagiers, conducteurs en controleurs te bekijken. Op de terugweg naar de stationshal namen we de roltrap, ook weer een heel avontuur, en bij het busstation leverden de stads en regionale bussen weer een hoop ‘Dat is mooi!”s op. Heerlijk die onbevangenheid van kinderen en hun verwondering om de wereld om zich heen die wij volwassenen als gewoon ervaren. Het hebben van kleinkinderen is mooi!

Het pontje

Nadat we drie kwartier vertraging hadden opgelopen omdat twee dames de trein gemist hadden liepen we onder aanvoering van onze gids richting de bollenvelden. We hadden geluk want ondanks de weersvoorspellingen hadden we een mooie strak blauwe lucht hoewel het wat frisjes was en op de open vlaktes flink waaide. Elf mensen hadden zich voor deze tocht bij Sassenheim, de streek waar mijn voorouders vandaar komen, ingeschreven en daarvan waren er negen ook op komen dagen, ik was de enige man in dit gezelschap.

Net buiten de bebouwde kom aangekomen liepen we langs de Leidsevaart naar een nostalgisch pontje dat ons naar de overkant zou brengen maar waar we niet allemaal tegelijk op konden. Ik besloot eerst maar eens te kijken hoe de eerste groep het er vanaf zou brengen. De tocht begon voortvarend maar ongeveer twintig meter voor de overkant bleef het pontje steken. De ketting, waaraan getrokken moest worden om aan de overkant te komen, was vast komen zitten tussen de planken op de bodem van het pontje en de dames bleven maar sjorren en trekken in een poging deze los te krijgen. ‘Ik bemoei me er niet mee’, dacht ik, het leek me niet verstandig me als enige man in het gezelschap van louter dames het voortouw te nemen…

Aan de overkant stond inmiddels een andere groep te wachten op de overtocht en die begon zich er nu ook mee te bemoeien evenals de dames die met mij stonden te wachten. De emoties liepen nu zo hoog op dat er nu met stemverheffing werd gesproken en steeds wilder aan de ketting werd getrokken. Voor twee dames waarmee ik stond te wachten was inmiddels de maat vol, ze besloten dat het welletjes was geweest en vertrokken richting het station. Het pontje was inmiddels weer onderweg naar het startpunt zonder de overkant bereikt te hebben.

‘Heeft er misschien iemand een schroevendraaier bij zich?’, vroeg een van de dames. Ik aarzelde even maar gaf toen toch maar toe dat ik een zakmes bij me had. Opgelucht werd er naar me gekeken terwijl ik het pontje opstapte en de ketting liet vieren zodat er geen spanning meer op stond. Met het zakmes drukte de schakels van de ketting naar beneden en in no time was het zaakje geregeld zodat we konden oversteken. Onder aanvoering van onze opgeluchte gids vervolgden we onze wandeling langs de in bloei staande bollenvelden, over pittoreske bruggetjes en de vele zwanen die nog aan het broeden waren en niet blij waren dat we zo dichtbij langs liepen.

We vervolgden onze weg en na een paar keer verkeerd gelopen te zijn kwamen we bij de uitspanning terecht waar we koffie zouden gaan drinken, helaas, die was gesloten. De gids besloot daarom op een verlaten skateveld in de bebouwde kom ons onze boterhammen te laten oppeuzelen terwijl ik om me heen hoorde mopperen. Toen we verder liepen begonnen steeds meer dames zich nu met de route en het kaartlezen te bemoeien. Ik hield mij hier natuurlijk weer afzijdig van en maakte me er het beste van hoewel langs de snelweg lopen nou niet mijn idee is van een mooie wandeling door de bollenstreek.

De volgende stop zou de vlindertuin zijn maar, en verbaasd was ik niet meer, die konden we helaas niet vinden. Ik had inmiddels mijn GPS aangezet en gezien dat we gelukkig niet ver van het startpunt waren maar we hadden inmiddels wel veel meer gelopen dan op de site waar de wandeling stond was aangegeven. Plots waren er weer twee dames verdwenen nadat ze ruzie hadden gekregen over de route met de gids die steeds wanhopiger werd. Toen we uiteindelijk nog met zijn vieren over waren en mijn GPS mij vertelde dat we weer van het startpunt weg liepen stelde ik voor mijn routeplanner maar te volgen waarbij ik opmerkte dat ik vroeger bij de padvinderij heb gezeten. Dat vond de anderen toen ineens een goed idee…

Het laatste stuk terug was eigenlijk best wel weer gezellig, als je zo’n tocht overleefd verbroedert dat en uiteindelijk waren we na vijf uur wandelen weer terug op het beginpunt. Ik kreeg nog een bosje tulpen van een van de dames en een mooie ervaring rijker en met een goed verhaal ging ik weer huiswaarts…

李先生同意

Meneer Lee stemt tegen.

Die ochtend was meneer Lee vroeg opgestaan en had hij zijn nieuwe pak aangetrokken. Na het ontbijt met zijn vrouw was hij bij de kapper langs gegaan om zich te laten scheren en zijn stropdas te laten strikken. Meneer Lee had dit pak per koerier van de partij gekregen en nooit eerder een pak of stropdas gedragen. Toen hij naar zijn huis terugliep stond iedereen op straat vol ontzag naar hem te kijken, zo netjes had nog niemand in zijn dorp hem ooit gezien. Aangekomen bij de straat waar hij woonde zag hij een grote groep mensen bij zijn huis staan rond de partijauto die hem kwam ophalen.

Meneer Lee stelde zich voor aan de chauffeur: ‘Meneer Lee, aangenaam, ik moet nog even mijn spullen pakken want die liggen nog binnen.’ “Dat is niet nodig meneer Lee, alles is geregeld, stapt U maar in’, zei een mevrouw in het partijuniform die naast de chauffeur stond op een toon waarbij hij dacht dat het beter was te doen wat zij hem vroeg.

Na een snel afscheid van zijn vrouw reed meneer Lee, onder begeleiding van twee motoragenten over hobbelige binnenwegen naar de snelweg die hem naar Beijing zou brengen. Onderweg voegden steeds meer partijauto’s zich bij een steeds groter wordende colonne identieke auto’s allemaal op weg naar de Grote Zaal  van het Volk aan het Plein van de Hemelse Vrede. Achter het glas voorin zat de chauffeur en naast hem zijn begeleidster. ‘Alles goed met U meneer Lee’, vroeg ze met een glimlach, ‘U weet wat de bedoeling is?’. ‘Ja hoor’ zei hij, ‘het is met duidelijk, ik ga tegen stemmen’.

Hij dacht terug aan die gedenkwaardige dag drie maanden geleden toe hij door eenzelfde auto was opgehaald en naar het hoofdkantoor van de partij in Beijing gebracht. Daar aangekomen was hij naar een vergaderzaal gebracht waar een aantal partijbonzen rond de tafel zat met aan het hoofd president Xi Jinping. Door emoties overweldigd maar ook een beetje nerveus was hij naar voren gelopen om de grote leider de hand te schudden en Xi Jinping had hem glimlachend aangekeken.

‘Best kameraad Lee’, had Xi Jinping gezegd, ‘uit betrouwbare bron weet ik dat u een zeer toegewijd lid van de partij bent en zich jaren voor ons heeft ingezet, ook in tijden die voor ons en voor u niet altijd makkelijk waren. Ik heb daarom verzocht U hier te laten komen omdat ik U iets wil vragen.’ Meneer Lee keek verbaasd naar de president en partijleider en voelde zich trots en vereert na deze woorden, wie kon een persoonlijk verzoek van de grote leider Xi Jinping weigeren?

‘Zoals U weet’, vervolgde Xi Jinping, ‘is over een paar maanden ons Volkscongres en zullen onze 3.000 parlementsleden vanuit het hele land naar Beijing komen om namens de 1.22 miljard Chinezen een aantal historische beslissingen te gaan nemen. De partijleiding uit uw regio heeft U voorgedragen als afgevaardigde en we willen graag dat U in de Grote Zaal van het Volk gaat meebeslissen over een aantal belangrijke zaken die bepalend zullen zijn voor de toekomst van het Grote Chinese Volk. De belangrijkste stemming zal gaan over de rol van mij als president van China waarbij het voorstel zal zijn mij de bevoegdheid te geven deze functie levenslang uit te oefenen.’

‘Ik ben zeer vereerd geachte heer Xi Jinping dat ik naar het Volkscongres mag voor mijn regio’. stamelde de heer Lee die erg onder de indruk was van Xi Jinping, die in het echt wel iets gezetter was dan op de foto, ‘en natuurlijk zal ik volledig volgens de richtlijnen van de partij meestemmen met het Volkscongres!’. President Xi Jinping, tevens secretaris-generaal van de communistische partij en hoofd van de strijdkrachten van China, lachte meneer Lee toe en antwoordde: ‘daar gaat het nu juist over, we zoeken iemand die juist tegen gaat stemmen omdat we graag naar de buitenwereld toe willen ophouden dat we in China democratisch te werk gaan als het om verkiezingen gaat. Stemt U gerust tegen tijdens het Volkscongres zodat we zeker weten dat er in ieder geval één tegenstem is anders krijgen we de hele wereld over ons heen”.

Zonder op een antwoord te wachten ging de vergadering verder en werd meneer Lee afgevoerd en na een gezellig dineetje met een paar functionarissen en het aanmeten van het standaard partijpak voor het Volkscongres keerde hij terug naar zijn regio. En nu, drie maanden later, was hij onderweg naar het Volkscongres met die speciale opdracht van de Grote Leider en voelde hij zich trots dat hij uitverkoren deze mooie belangrijke opdracht uit te voeren.

Twee uur later betrad meneer Lee de Grote Zaal van het Volk en nam hij plaats tussen de vertegenwoordigers van het Volk en luisterde hij naar de speeches van de Chinese prominenten waarvan hij er maar een paar kende. s’ Avonds, na de officiële vergadering, was het goed toeven in zijn luxe hotel  en genoot hij van de luxe, de etentjes en gala’s waarvoor hij als parlementslid was uitgenodigd.

De derde en laatste dag van het Volkscongres stond in het teken van de stemmingen en vlak voor de belangrijkste stemming over de ambtstermijn van de president kwam zijn begeleidster nog even bij hem langs om hem er nog even aan te herinneren vooral tegen te stemmen. De stemming  was geheim dus niemand zou weten dat hij een tegenstemmer was. Toen hij zijn stembiljet in de stembus liet glijden had hij het moeilijk omdat hij tegen zijn gevoel instemde, maar ja, als de partijleider je wat vraagt doe je dat natuurlijk! Al snel volgde de uitslag: met 2.958 stemmen voor, 2 tegen en 3 onthoudingen stemde een overweldigende meerderheid van het Chinese parlement in met een grondwetswijziging die president Xi Jinping de bevoegdheid gaf levenslang de functie van President uit te oefenen en meneer Lee was één van de twee tegenstemmers geweest.

Na afloop van het Volkscongres stond meneer Lee buiten te wachten op zijn chauffeur om weer naar huis gebracht te worden en terwijl auto na auto vetrok bleef meneer Lee uiteindelijk alleen achter, zijn chauffeur en begeleidster waren nergens te vinden. Plots stopte er een politiebusje naast hem en stapten een paar agenten uit. ‘Bent U meneer Lee’, was de vraag van een van hen. ‘Jazeker’, antwoordde hij, ‘Ik heb net het Volkscongres bijgewoond, ik sta op mijn auto te wachten!’. “Wilt U even meerijden naar ons kantoor’, was het antwoord, ‘we hebben wat vragen’.

Na een korte rit werd hij bij een kazerne van het Volksleger afgezet, Daar werd zijn pak ingenomen, kreeg hij andere kleren en werd hij naar een kamer gebracht waar twee mannen zaten, één die hem ondervraagde en een ander die op zijn laptop verslag legde van het gesprek. De man in uniform keek hem streng aan. ‘Meneer Lee’, zei hij, ‘we hebben een probleem, wellicht kunt U ons helpen’. ‘Dat is geen probleem’, antwoordde meneer Lee, ‘maar dit moet een misverstand zijn, ik voerde tijdens het Volksgesprek een speciale opdracht van president Xi Jinping uit.’ ‘Daar gaat het ook om’, zei de ondervrager, ‘want we hadden 3 mensen gevraagd tegen te stemmen en maar 2 hebben het gedaan, we willen graag weten wie dat was…’.

Vol ongeloof staarde meneer Lee naar zijn ondervragers en keek hij rond in de naargeestige omgeving waarin hij terecht was gekomen. ‘U kunt mij als Volksvertegenwoordiger toch niet zomaar vasthouden?’, vroeg hij. ‘Dat kan wel’, zei zijn ondervrager, ‘we zijn namelijk van de  nieuwe Toezicht Commissie die tijdens het Volkscongres is ingesteld en wij hebben de bevoegdheid in te grijpen als het leiderschap van de Partij en de Socialistische Rechtsstaat in gevaar komen. En onze president was niet bepaald blij toen één van de drie aangewezen tegenstemmers toch voor stemde tegen de wil van onze grote leider in. China’s parlement moet wel betrouwbaar blijven en we willen vermijden dat we in de val van een onbestuurbare  democratie vallen!’.

We hebben Van Xi Jinping de opdracht uit te zoeken wie diegene was die zich niet aan de afspraak heeft gehouden en zolang we dat niet weten zullen we U hier een tijdje vast moeten houden.’ ‘Maar ik ben het niet!’, riep meneer Lee wanhopig, ‘Ik heb altijd de partij gesteund!’ ‘Dat zeggen ze allemaal!, reageerde de ondervrager, ‘Ik zie U morgen weer, U blijft hier net zo lang zitten totdat we weten wie van de drie dit was..’

Onder begeleiding van twee agenten werd meneer Lee naar zijn cel gebracht. Op de gang kwam hij meerdere mensen tegen die hij herkende van het Volkscongres, het was een drukte van belang. Blijkbaar had de nieuwe Toezicht Commissie met meerdere parlementariërs nog een appeltje te schillen. De bewakers brachten hem terug naar zijn cel waar hij onder hun zwijgend toezicht te eten kreeg. ‘Dat smaakte best goed’, dacht meneer Lee, ‘het eten hier is in ieder geval beter dan bij mij thuis…’.

De Bataaf

Een paar dagen nadat ik op een internetveiling voor een prikje de slecht renderende speeltuin De Bataaf had overgenomen besloot ik daar maar eens zelf te gaan kijken. Ik arriveerde voor openingstijd en toen ik bij de kassa aankwam zat daar al een dame die druk bezig was haar cactussen water te geven. ‘We zijn nog niet open meneer!’ klonk het uit het hokje en ik wachtte geduldig af. Even over tien was ze klaar en richtte ze zich tot mij: ‘Dat is dan 5 euro meneer!’. ‘Ik kom eigenlijk voor de bedrijfsleider’, reageerde ik. ‘Die hebben we niet meer’ zei ze, maar als u iemand wilt spreken kunt u het beste bij de kok in het restaurant zijn’. Ik bedankte haar en liep de speeltuin binnen.

De Bataaf was niet veel veranderd, als kind ging ik daar vaak met mijn ouders, broer en zussen heen en werden wij in de speeltuin gedumpt terwijl mijn ouders met hun gasten iets gingen drinken of midgetgolven, daar waren wij nog te jong voor. Op loopafstand van ons huis en een ideaal uitje voor de zondagmiddag. Wat me het meest is bijgebleven was de waterbaan waar je met je eigen bootje kon varen, of, beter gezegd, expres tegen de andere bootjes botsen. Als kind was je toen nog met weinig tevreden.

In het restaurant aangekomen was de kok onvindbaar maar er was wel iemand voor de bediening en ik bestelde een kop koffie en een saucijzenbroodje. ‘Weet u ook hoe laat de kok hier is?’, vroeg ik haar. ‘Meestal rond elf’, zei ze, ‘maar als u wilt kan ik haar bellen, dan komt ze vast wat eerder, ze woont hier vlakbij. Wie kan ik zeggen dat u bent en waar het over gaat?’. ‘Ik ben Victor La Lune, de nieuwe eigenaar van dit complex’, ik zag dat ze me wat meewarig aankeek. Ze pakte haar telefoon en liep naar de keuken. In ieder geval goede saucijzenbroodjes, dacht ik, terwijl ik bijna mijn mond verbrandde bij de eerste hap.

Een half uur later zag ik Inge aankomen fietsen, ik herkende haar meteen. Ik had vroeger met haar op school gezeten en ze was de dochter van de lokale benzinepomphouder, we hadden kort iets met elkaar gehad totdat ze iets kreeg met de zoon van de lokale garagehouder en daar was ze toen mee getrouwd. Verrast keek ze me aan toen ze binnenkwam, ‘Victor, jij hier, dat is lang geleden!’, en ze schoof bij me aan, ‘en ook nog eens de nieuwe eigenaar, wat een verrassing!’. Dat was het ook voor mij.

Na wat gekeuvel over vroeger en gemeenschappelijke vrienden, ze was nog steeds getrouwd met Cees, legde ik haar uit dat ik De Bataaf te koop had zien staan, dat ik een investeringsmaatschappij had en dat ik meteen geïnteresseerd was omdat ik daar zelf als kind vroeger nog had gespeeld. En dat ik, tot mijn eigen verbazing, na mijn eerste lage bod, plots de eigenaar van was geworden en gisteren de stukken bij de notaris had laten passeren zodat ik nu formeel de eigenaar was.

‘Je bent niet de eerste’, zei ze, ‘we hebben de afgelopen jaren al een stoet van nieuwe eigenaren langs zien komen waaronder een bekende Nederlandse voetballer die in Oranje heeft gespeeld. Allemaal met de meest wilde plannen maar uiteindelijk waren ze nooit bereid echt in de speeltuin te investeren en werden we na verloop van tijd weer aan de volgende partij doorverkocht’. ‘De locatie is perfect’, zei ik, veel scholen en gezinnen in de buurt dus dat moet toch volk trekken.  Wat moet er volgens jou gebeuren?’, vroeg ik haar. ‘Tja, je zou kunnen investeren in nieuwe speelvoorzieningen maar de nostalgie van de oude speeltuin in combinatie met horeca maakt het juist aantrekkelijk volgens mij. En voor mij als kok prima werktijden omdat de keuken om vijf uur dicht gaat en het park om zes’.

Ik had natuurlijk de jaarcijfers van De Bataaf uitgebreid bestudeerd en allang besloten dat dit een verloren zaak was maar dat vertelde ik haar natuurlijk niet. Het ging mij meer om de grond en het mooie historische gebouw en ik had al iemand gevonden die op deze locatie een welnesscentrum wilde vestigen. Maar daarvoor moest ik wel eerst de locatie leeg opleveren, zonder al te veel kosten te maken natuurlijk. Ik had hierover al een overeenkomst met de toekomstige eigenaar afgesloten.

‘Heb jij geen zin de exploitatie van De Bataaf over te nemen?’, vroeg ik Inge, ‘Dan huur je het van mij en kan je je eigen ideeën op de Bataaf loslaten’. Daar moest ze over nadenken maar ik zag aan haar gezichtsuitdrukking dat ze wel degelijk gecharmeerd was van het idee. Iedereen die in loondienst is denkt het beter te kunnen doen dan zijn of haar baas en zo iemand zegt nooit nee als diegene de kans krijgt eigen baas te worden. Als ze dit doet gaat zij in no time failliet, dacht ik, en kan ik het complex zonder de hoge kosten voor het ontslaan van het personeel doorverkopen aan mijn partner, die had overigens de tijd…

‘Ik denk erover na’, zei ze. ‘Fijn’, zie ik, ‘jij lijkt me een goede partner, dit wordt vast dit een mooie samenwerking! Ik stuur je een standaard exploitatie overeenkomst, kan je daar eens naar kijken!’. Na nog wat gekeuveld te hebben en een tweede kop koffie stapte ik op. Terwijl ik langs de cassière liep zag ik dat ze was verdiept in een stripverhaal van Dick Bos, grappig dacht ik, die heeft toevallig net als ik hier om de hoek op het Aloysius College gezeten dus zal hier vast wel eens geweest zijn.

Onderweg naar mijn volgende afspraak dacht ik er over na dat het wel jammer was dat ik uitgerekend met Inge te maken ga krijgen en dit haar aan ga doen, maar ja, je moet natuurlijk wel zakelijk blijven als investeerder, business is business!

De Blogger

Het begint meestal ’s nachts als waken overgaat in slapen en er langzaam een idee in je hoofd opkomt. Meestal komt er dan een droom die dit idee verdringt zodat ik mij de volgende ochtend niets meer van dit idee kan herinneren, heel af en toe ontwikkelt het zich ‘s nachts in iets meer dan dat en ontstaan de contouren van een verhaal en het verlangen dat te schrijven.

Van bed naar schrijfmachine en voorzien van een espresso verschijnen al gauw de eerste letters op het scherm, elk begin is goed, elke correctie beter en elke zin voldoet zolang geen betere gevonden, hoewel ik weet dat die er altijd is. Plots gaat alles vanzelf: het verhaal neemt mij over en ik kan niet anders dan regels samenrijgen tot iets wat geschreven moet worden, kop, midden, staart, grap, vondst, volgorde, ritme, overgang en dan als hoogtepunt de onvermijdelijke uitsmijter.

Dan laat ik het liggen, ga ik weg, kom ik terug, schrap en vul aan waar iets ontbreekt, het rijpt en wordt beter. Dan is het af en met een druk op de knop gaat het de digitale ruimte in en wordt het alleen nog maar door bots gelezen.

De verkeersregelaar

Onderweg naar huis op een natte, warme herfstmiddag waarbij het een beetje miezerde reed ik mijn auto het laatste stukje van de berg af naar beneden. Al in de verte zag ik iemand met een feloranje regenpak staan die de weg voor mij versperde. Ik nam gas terug terwijl de man hevig gebarend voor me stond en besloot te stoppen en mijn portierraam te openen. Er was verder niets te zien qua verkeersborden dus ik vroeg me af wat er aan de hand was, verkeersongeluk, gaslek, ramp, wegwerkzaamheden?

‘Gaat u nu naar rechts of naar links’, vroeg de man geagiteerd. ‘Dat hangt van uw antwoord af’, reageerde ik ‘U blokkeert immers de weg en ik wil graag weten waarom’. ‘Als u in de auto rijdt en u komt bij een kruising dan dient u richting aan te geven. Als u hier naar rechts gaat is dat geen probleem, gaat u naar links dan moet u even wachten en mijn aanwijzingen afwachten’.

De man zag er slim uit en onmiddellijk ging de gedachte door me heen dat dit waarschijnlijk iemand is die verplicht dit soort werk moet doen en probeert er nog een beetje intellectuele uitdaging in te leggen. Als ik daar zou staan, in de regen in een oranje regenpak, zou ik er ook wat van maken en elke auto is dan weer een uitdaging. Hij begon een heel verhaal over de wegenverkeerswet en de verplichting richting aan te geven en het gevaar dat ik opleverde voor mijn medeweggebruikers. ‘Weet u wel dat u in overtreding bent en u een bon kan geven?’ Hij had er duidelijk plezier in, op zijn pak zag ik in grote letters ‘Verkeersregelaar’ staan. Ik had die dag al een verkeersboete in de brievenbus gekregen wegens te snel rijden dus daar zat ik nou ook weer niet op te wachten…

‘Maar wat is er nu eigenlijk aan de hand hier?’ vroeg ik. ‘Deze weg is tijdelijk eenrichtingsverkeer omdat op de andere weghelft werkzaamheden worden verricht’. Ik keek naar links en zag niks. “Een collega van mij houdt het verkeer aan de andere kant op dus er kan via deze baan vanuit de verkeerde richting verkeer aan komen’ reageerde hij, ‘en u wilt toch niet op elkaar knallen?

Iets in mijn hoofd zei me maar niet meer verder met deze man te communiceren want dit was er een die op zijn strepen ging staan. Ik deed mijn portierraam dicht en zette de richtingaanwijzer op links en wachtte af wat er ging gebeuren. De verkeersregelaar staarde geconcentreerd naar de verte. Na verloop van tijd gaf hij met veel gebaar aan dat ik door mocht rijden en dat deed ik dan maar, wel voorzichtig natuurlijk…

De weg waarop ik naar huis reed was verder totaal verlaten, niemand te zien, geen auto, geen verkeersregelaar, geen ongeluk of wegwerkzaamheden en terwijl ik in mijn achteruitkijkspiegel  keek zag ik de verkeersregelaar ook niet meer. Was ik mezelf tegengekomen?

Voyeur

Op een doordeweekse dag liep ik mijn vaste route door landgoed Den Treek, vlak bij mijn huis. Zoals meestal kwam ik niemand tegen behalve een herder met zijn schaapskudde. Op mijn pad kon ik het spoor van hun uitwerpselen niet alleen goed volgen maar ook scherp ruiken. Terwijl ik langsliep ging een herdershond er in paniek als een speer vandoor nadat hij tegen een schrikdraad was aangelopen. Na een tijdje zoeken en met behulp van een fluitje vonden hond en herder elkaar blij weer terug.

Even verderop begon het langzaam te miezeren waardoor het bos er nog mooier uitzag dan daarvoor en de regen voor een frisse geur zorgde. Onder de bomen bleef het nog droog en kon je de druppels op het bladerdak goed horen; gaan wandelen als het net gaat regenen heeft zo zijn voordelen net zoals het op het strand tijdens een storm mooier is dan wanneer de zon uitbundig schijnt en het volk om een ligplaats vecht.

Terwijl ik, een zanderig ruiterpad volgend, een fietspad overstak zag ik plots, iets verderop midden op het fietspad, een elektrische fiets staan. Nieuwsgierig geworden liep ik naar de fiets toe en dichterbij gekomen zag ik een oude man in de berm staan die heel langzaam, voetje voor voetje schuifelend, probeerde af te zakken in een greppel. Tussen zijn bewegingen in zaten lange pauzes waardoor het leek alsof het hem veel moeite koste. Toen het maar niet wilde lukken draaide hij zich langzaam om en probeerde hij zich achteruit voetje voor voetje in de greppel af te laten zakken, zich vasthoudend aan graspollen en struiken.

Hoewel ik inmiddels dichtbij was gekomen schaamde ik me toch een beetje voor mijn voyeurisme hoewel het voor mij wel duidelijk was dat de man mij nog niet gezien had.  Net op het moment dat ik mijn oude pad weer wilde vervolgen zag ik de man plots in gebogen houding achteruit omvallen met zijn hoofd tegen een boomstam.  Stil bleef hij daar liggen.

Snel liep ik op hem af en terwijl ik dichterbij kwam kon ik zijn gezicht en uiterlijk beter zien, hij zag er goed uit voor zijn leeftijd en was goed gekleed. Met één hand was hij bezig schors vaan een boomstam af te pellen en te bestuderen wat hij daaronder aantrof.

‘Meneer, gaat het goed met u’, vroeg ik de man, ‘Ik zag u vallen, kan ik u wellicht ergens mee helpen?’. Hij draaide zich langzaam half om, keek me aan en reageerde: ‘Met mij is alles in orde, ik heb geen hulp nodig”. Beschaamd keerde ik mij om en vervolgde mijn pad.

Mijn Butler

‘Wat ben je aan het doen’ vraagt mijn butler als ik ‘s morgens wakker word. Voordat ik daarover kan nadenken komt er een melding binnen: ‘Peter de Waal is vandaag jarig’. Snel feliciteer ik hem en terwijl ik dat aan het doen ben komt er een bericht binnen dat er is naast hem nog vijf anderen jarig zijn die ik alleen beroepsmatig ken. Ik heb met deze personen in het verleden samengewerkt en weet niet eens of  ze getrouwd zijn laat staan wanneer ze jarig zijn! Ik geef aan mijn butler dan ook door dat ik deze berichten over hun verjaardag niet meer wil ontvangen.

Mijn butler meldt me dat er een berichtje van de politie in mijn inbox staat dat er vlak bij twee inbraken zijn geweest, ik herken geen van de daders op de meegezonden video’s van de bewakingscamera’s. Mijn eigen bewakingssysteem meldt dat een sportauto met een voor mijn buurt onbekend kenteken voor mijn deur aan de overkant van de straat heeft gestaan vanaf circa middernacht tot half zes: het zal wel weer een date zijn van onze onlangs gescheiden buurvrouw…

Mijn alarm gaat af met de ringtone ‘Tomorrow’ om mij eraan herinnerend dat ik op moet staan en mijn butler vertelt me dat ik om 9:00 mijn eerste afspraak heb. Eerst nog even mijn nieuwsdashboard bekijken of er nog iets spannends gebeurd is! Nee helaas, de meeste rampen spelen zich ver weg af en vandaag gelukkig (nog) geen Breaking News, in Nederland nog geen nieuw kabinet maar wellicht is dat maar beter ook… Positief is dat er voor het weekend mooi weer wordt voorspeld en ik reserveer dan ook meteen een tafeltje op het terras bij restaurant ‘De Gezelligheid’, een top lokatie op fietsafstand van mijn huis!

Na het douchen aan de slag achter mijn laptop, eerst maar eens mijn berichten wegwerken en inloggen op mijn werkomgeving. Op mijn dashboard zie ik dat gisteren redelijk wat bots mijn profiel bezocht hebben en dat ik voor vandaag zo’n vijf uur werk in de pocket heb en nog leuke opdrachten ook! Tevens een nieuwe opdracht toegewezen gekregen voor een online marktonderzoek waar ik een paar dagen aan kan besteden. Van de drie inschrijvers op deze klus heeft het matching algoritme mij geselecteerd! Ik vraag mijn butler de opdrachten bevestigen en de opdracht in mijn agenda in te plannen.

Om negen uur start mijn chat met mij health bot. Ik schrik me te pletter als mijn gezondheid profiel op het aanlegscherm veel rood laat zien. Mijn health bot spreekt me vermanend toe: ‘Je hebt de afgelopen dag te weinig beweging gehad en teveel calorieën tot je genomen waardoor je risicoprofiel naar de code oranje is veranderd. Daar moet je wat aan doen! Waarom heb je niet de fiets genomen gisteren toen je naar de stad ging? We maken ons zorgen!’ ‘Heb je dat gezeur weer’, denk ik. ‘Je meeste health indicatoren zien er goed uit dus dit heeft alles met je gedrag te maken Gerard, je heb net weer bij ‘De Gezelligheid’ een tafeltje geboekt en ik zie geen afspraken bij de sportschool staan…’, zegt de health bot ‘Plan wat beweging in je agenda en zorg dat je de komende dagen gezond eet. Doe je dat niet dan zal ik dit helaas bij je verzekeraar moeten melden’. Ik bedank haar en verbreek de verbinding, altijd dat zelfde gezeur, toch maar weer wat gaan meer bewegen anders gaat het me geld kosten, ook het  algoritme van mijn opdrachten matching site houdt rekening mijn mijn gezondheidsprofiel.

Terwijl ik met mijn health bot bezig was zie ik een melding binnenkomen dat Paula, Anita & Oscar vlak bij mijn huis hadden ingelogd bij de local Seats2Meet. Ik had wel het plan daar te gaan werken maar nu Oscar daar ook zit besluit ik toch maar thuis te blijven werken, Oscar is een verschrikkelijke zeur die je continu van je werk houdt, jammer want Paula en Anita zijn wel OK. Ik nodig hen beide dan ook uit voor lunch tussen de middag. Hun antwoord is helaas negatief, ze hebben het te druk. Dan toch maar naar de sportschool besluit ik, ik laat mijn butler een afspraak plannen voor tussen de middag.

Rond de middag neem ik de auto naar mijn sportschool en word ik welkom geheten door mijn trainer bot als ik binnen kom. ‘Welkom Gerard, dat is lang geleden! We ontvingen vanmorgen nieuwe instructies van uw heath bot en wensen je veel succes met het nieuwe instructie progamma!’ Op het schema zie ik dat ik de komende 40 minuten flink aan de slag moet. Zoals te verwachten score ik op alle apparaten onder niveau terwijl ik me behoorlijk inspan en me kapot zweet. Halverwege ben ik het zat en breek ik het programma af en verlaat de sportschool om buiten op mijn gemak in het bos te gaan hardlopen. Voor het eerst die dag ontspan ik me en geniet ik van de natuur en het mooie weer buiten.

Na een kwartier duikt er plots een drone boven me op. ‘Meneer Geerlings, hier spreekt uw butler, ik was u kwijt en dachten dat er iets met u aan de hand was,. Volgens ons is uw hartslag te hoog, we maken ons zorgen! Uw auto staat hier inmiddels vlakbij zodat ik u veilig naar huis kan brengen!’. Ik pak een steen en gooi die naar de drone die daarop neerstort. In de verte hoor ik al snel het gebrom van andere drones die op me afkomen, dit vinden ze niet leuk…’

Blauw Bloed

O ja, wat ik vergeten te vertellen was. Vorige week liep ik door de Kalverstraat op weg naar een afspraak met ex-collega’s toen ik mij plots herinnerde dat we afgesproken hadden dat ik cake mee zou nemen. Bij de eerste bakker die ik tegenkwam liep ik naar binnen en vroeg ik de bakker om een cake en of zij die voor mij in twaalf plakjes wilde snijden. Ze begon de cake aan te snijden en na tien plakken bleek dat er voor de laatste twee nog maar weinig over was. Daar baalde ik van en vroeg haar om twee extra plakken van gelijke grootte. ‘Dat kan maar dan moet u wel een tweede cake betalen’ zei ze toen. ‘Maar waarom snijdt U de cake niet eerst in twee, daarna elk stuk weer in twee en uiteindelijk elk stuk in drie? Dan krijg je toch een gelijke verdeling?’ reageerde ik. Kwaad reageerde ze ‘Ik ben een bakker en geen beëdigd cakesnijder!’ Protesterend ging ik akkoord en at de restanten van de cake zelf maar op, zonde om weg te gooien!

In het chique hotel waar we hadden afgesproken was een groot restaurant met meerdere verdiepingen en ik liep snel de verdiepingen langs op zoek naar mijn ex-collega’s. Na zo’n dertien verdiepingen zag ik op een soort verhoging mijn ex-collega’s zitten. ‘He Gerard, we zitten hier!’ hoorde ik Arnon roepen, ’daar rechts kan je het podium op!’. Ik liep naar rechts en op de verhoging van ongeveer 70 centimeter zat een portier achter een bureau de krant te lezen. Toen ik hem vragend aankeek zei hij: “Dat is dan twee gulden!”. ‘Maar ik heb hier afgesproken!’ riep ik, ‘Daar zitten mijn collega’s!’. ‘Dit zijn de regels van Grand Hotel Royal’, zei de portier die gewoon doorging de krant te lezen… Zuchtend legde ik de twee gulden neer en bleef wachten op wat er komen ging. Na enige tijd zei de portier: ‘U mag nu het podium op hoor!’. ‘Kunt u me niet optillen meneer, ik heb immers betaald en dan mag je toch ook een inspanning van uw kant verwachten?’ reageerde ik.

Plots werd ik wakker en hoorde ik beneden het vertrouwde geluid van ‘Blauw Bloed’ op de TV waar mijn vrouw elke zondagmorgen vroeg stiekem naar kijkt…

Geïnspireerd door Etgar Keret.

Mijn eigen Rodin

Toen ik vijftien was bezocht Ik voor het eerst het Musée Rodin in Parijs en was ik erg onder de indruk van zijn werk. Bij zijn beelden gaat het niet om een klomp brons maar om iets wat groter is dan het materiaal alleen en mij als aanschouwer in vervoering brengt. “Dat is dus kunst” ontdekte ik toen. Net als deze blog meer is dan de som van de woorden en beelden die ik gebruik. Ik wou dat ik een beeld van hem had, dacht ik toen, wel een beetje kostbaar waarschijnlijk dus eerst maar eens wat geld verdienen…lage-bronze

Tot ik zo’n veertig jaar later en acht jaar geleden met mijn vrouw een trip door Yorkshire, Wales en Engeland maakte door de countryside. Vast onderdeel van ons programma is, naast ‘Tea and scones’ en een bezoek aan de lokale pub, het bezoeken van antiekwinkels: een hobby die wij beide delen. En er zijn veel van dit soort winkels in Engeland, dat is het nadeel van het winnen van twee wereldoorlogen: je blijft met veel troep zitten omdat niks kapot gaat en daar moet je dan weer wat mee: vandaar al die antiekwinkels en TV programma’s over antiek en veilingen in Engeland.

Ik weet niet meer precies waar het was maar plots stonden we in een winkel met vitrines vol servies en bestek, schilderijen, sieraden en beelden en vlak bij de ingang stond mijn Rodin! Eerst zag ik niet dat het een Rodin was maar vond ik het een interessant beeld maar bij nadere bestudering was het er een en de eigenaar vertelde er meteen bij dat het geen origineel was maar een kopie maar wel een verdomd goede kopie. Dondert niet, dacht ik, het gaat niet om het geld maar om iets moois dat je graag wil hebben. Maar aangezien het om een relatief groot bedrag ging (600 pond) besloten we er nog even over na te denken.

20161117_085217

Eerst maar eens thee met scones dus en het dorpje nader bekeken. Maar als een magneet trok de Rodin mij toch weer naar de winkel. De eigenaar wist een koper te hebben toen we voor de tweede keer naar binnen gingen. Mijn eega vond het een beetje duur en wilde eerst nog onderhandelen over de prijs. Afijn, uiteindelijk verlieten we de zaak met het beeld en een mooi antiek visbestek voor dezelfde prijs, best een duur bestek dus maar we maken er nog steeds met plezier gebruik van als we gasten hebben.

schermafbeelding-2016-11-19-om-08-04-11

De volgende dag liepen we een paar dorpen verder langs alweer een antiekshop, het was zondag en de winkels waren dicht. Plots zagen we in de etalage een zelfde kopie van Rodin’s L’Age d’Airain staan, deze keer met een prijskaartje eraan: 450 pond! Blijkbaar was er een hele partij kopieën aan de plaatselijke antiekhandelaren aangeboden! “Verdorie, we hadden beter moeten onderhandelen!” zei mij eega. Ik heb later begrepen dat Rodin vele afgietsels van zijn beelden liet maken in veel verschillende materialen, dat naast het feit dat daar ook weer veel kopieën van zijn: in die zin was hij een van de eerste die aan massaproductie van kunst deed.

Afijn, het beeld staat nog steeds in onze huiskamer en af en toe aai ik hem over zijn hoofd, “mijn eigen Rodin” denk ik dan trots. Mijn eega heeft al een aantal keren geprobeerd me over te halen het beeld te verkopen maar dit is mijn Rodin en er zit ook nog een verhaal aan vast en voor mij was het die prijs wel waard!

20161117_085241

Ik was dan ook blij verrast vanmorgen een artikel in de Volkskrant aan te treffen over een aanstaande Rodin tentoonstelling in het Groninger museum.  Conservator Suzanne Rus heeft het voor elkaar gekregen vijf versies van L’Age d’Airain, ofwel in het Nederlands Het Bronzen Tijdperk, bij elkaar te krijgen als onderdeel voor de Rodin tentoonstelling die deze week van start gaat. Haar natuurlijk meteen een mailtje gestuurd met het aanbod ook mijn beeld in te brengen voor 450 pond, kopen kan ook maar dan wordt het 600 pond… In ieder geval ga ik natuurlijk binnenkort naar de Rodin tentoonstelling in Groningen!rodin-groningen

Aanvullende reactie van mijn eega via Facebook:

“Aan ons beeld van Rodin zit nóg een verhaal vast. Onze buurman heet Rody, een geweldige man met een mooie kijk op het leven. Wij zijn erg dol op hem. Het beeld heet bij ons thuis dus “de Rody”, die we in ‘t voorbijgaan vaak even over het hoofd aaien.”

Naschrift n.a.v. bezoek aan de tentoonstelling in het Groninger Museum begin 2017:

En daar heb je ze dan, de vijf kopieën, netjes bij elkaar in het Groninger museum, een maatje groter dan mijn kopie en qua kleur en afwerking allemaal verschillend. Bij deze tentoonstelling in Groningen staan de werkwijze en productie methode van Rodin centraal, interessant maar het leidt wel af ten aanzien van het oorspronkelijke doel van Rodin met betrekking tot de beelden: mooie beelden maken en zorgen dat zoveel mogelijk mensen ervan kunnen genieten.

Tevens in het Groninger Museum de mooie foto’s bekeken van Erwin Olaf die zich door Rodin liet inspireren: Rodin maakte  overigens in zijn tijd ook al van fotografie gebruik maar dan als hulpmiddel voor het maken van zijn beelden. Helaas gebruikt Olaf L’Age d’Airain niet als voorbeeld maar deze lijkt er een beetje op!

Bored couples

Bored couples

“En, hoe was je vakantie?’, vroeg de blonde vrouw aan de gezette vrouw met de zwarte krullen die iets verderop in de trein tegenover haar zat. “Verschrikkelijk!”, antwoorde ze “Johan had weer allerlei dingen gepland en uitrusten stond niet op zijn programma op Kreta”. “Gelukkig was het daar niet zo heet maar het was doodvermoeiend steeds achter hem aan te sjokken van het ene mooie dorpje naar het andere pittoreske plaatsje, museum of strand, continu waren we op pad.”

“De grootste ramp was een wandeling die hij wilde maken naar het strand van “hoogstens een uurtje”, volgens hem goed aangegeven en met mooie vergezichten, “dat moet jij dus makkelijk aan kunnen”, had hij daarbij gezegd. Ik mijn sportschoenen aan en wij samen op pad. Het begon mooi maar al snel werd het landschap saai en liepen we tussen de nieuwbouwprojecten en over pas aangelegde paden die soms plots ophielden. Hij wilde per se doorlopen want volgens zijn route- en stappenteller “liepen we in de goede richting en moest ik even geduld hebben, we zouden zo op het mooie pad naar zee komen” “.

“Dat zeggen ze altijd”, zie de blonde vrouw, ‘Ik trap daar niet meer in, laat hem altijd alleen lopen dan kan ik plat bij het zwembad”. “Ik moet altijd mee van Johan”, zei haar vriendin en als ik zoiets voorstel of iets anders wil zijn er zoveel redenen waarom dit niet kan, dat heb ik opgegeven”. “Het zit schijnbaar in de familie”, zie de blonde vrouw, blijkbaar waren het schoonzussen.

“Het werd steeds erger, warmer en het pad slechter en toen ik op een gegeven moment voorstelde een taxi te nemen werd hij boos en liep koppig door; ik er maar weer achteraan sjokken dus… Zijn conditie is een stuk beter dan de mijne en mijn voeten deden erg zeer”. “Sportschoenen zijn ook niet optimaal om lange stukken mee te lopen op slecht terrein”, vulde de schoonzus aan. “Uiteindelijk, na ruim vijf uur lopen, hebben we toch een taxi teruggenomen en moesten we de lokale chauffeur een fortuin betalen voor de rit, dat was natuurlijk mijn schuld “want we waren er bijna” natuurlijk!”, en een diepe zucht volgde.

“Terug in het appartement met uitzicht op de bouwwerkzaamheden en constant lawaai van machines ben ik op bed gaan liggen en er die dag niet meer uitgekomen, zo moe was ik. Johan heb ik die dag niet meer gezien tot hij ’s avonds laat het bed in schoof, ik deed net of ik sliep.” “De volgende dag hebben we het nergens meer over gehad en begonnen we aan ons volgende uitstapje, gelukkig had hij een huurauto geregeld”.

“Blij dat we weer thuis zijn”, zei de vrouw met het zwarte haar, “Hij is gelukkig weer aan het werk en dan is het best met hem uit te houden. Vakanties, van mij hadden die niet uitgevonden hoeven worden!”. “Wacht maar tot hij pensioen gaat”, zei de blonde vrouw, “Je moet er toch eens over na gaan denken hoe je dat met hem gaat aanpakken, anders heb je geen leven”. “Ik denk dat ik maar een hond neem”, zei de ander, “Kan hij die gaan uitlaten en is hij even weg. Ik probeer hem al te interesseren voor vissen net als jouw man, is hij af en toe wat langer weg…”.

Laatste opdracht Schrijversvakschool maart 2016 van Maaike Bergstra die het vorige week van Wim Brands overnam omdat hij plots ziek was geworden: “Maak een verhaal op basis van bovenstaande foto van Martin Parr uit de serie “Bored couples”.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Nadat ik bovenstaand verhaal op mijn blog heb gepost over een foto uit de serie ‘Bored couples” van Martin Parr lees ik een half uur later een recensie in NRC over een boek van Tim Parks “Thomas and Mary” die een andere beklemmende foto uit de serie van Martin Parr als illustratie gebruikt, bestaat toeval eigenlijk wel of zit hier een onzichtbare hand achter?

L’important c’est la rose…

Daar zit je dan, 76 jaar oud met een achttien jaar jongere man tegenover je die je helpt met eten omdat je te veel bibbert om dit zelf te kunnen. Wel goed verzorgd, ondanks alles een dame met een mooie ketting, een chique horloge en dure ringen aan de vingers. Sinds gisteren ben je opgenomen op de afdeling palliatieve zorg waar ik als vrijwilliger af en toe een paar uurtjes meehelp. Net opgenomen in een kale kamer met alleen de noodzakelijke voorzieningen en zonder enig persoonlijk spoor behalve dan een eenzame ansichtkaart in de vensterbank. Je staart het liefst naar buiten waar je achter de kaart de bomen van het bosrijke Zon en Schild op de wind ziet mee bewegen.

De ontmoeting begon koppig, bijna boos, het duurde even voor je je liet helpen. Wel kwam er af en toe een stroom woorden uit jouw mond, meest Nederlands, maar ook Frans en een beetje Duits. De verpleegkundige hadden me verteld dat je als kind in Parijs had gewoond, geen van de verpleegkundigen kon echter haar Frans verstaan, een hersentumor doet vreemde dingen met je. Dus maar even alles in mijn beste Frans gedaan: ‘Vous voulez du fromage, pâté ou confiture?’ Dat ging beter dus ging ik verder met ‘Du pain, du vin et du Bousin?’. Tussen alle woorden, die niet altijd te verstaan en samenhangend waren, kwam het woord ‘Becaud’ een aantal keer voor. Mooi aanknopingspunt, dus vroeg ik je of je van zijn muziek houdt. Toen begonnen je oogjes te glimmen.

Gilbert Becaud

Vanaf mijn smart phone met Spotify heb ik toen een paar nummers van Becaud en Aznavour voor je afgespeeld. Dat vond je prachtig, je zong mee op ‘L’important c’est la rose’ en wist zelfs met gebaren het plotse einde van ‘Et maintenant’ aan te geven! Je droomde weg op Becaud’s muziek naar lang vervlogen tijden terwijl je bleef kijken naar de bomen buiten en de eenzame ansichtkaart. En daar word ik dan wel weer een beetje triest van. Je bent ernstig ziek en je hebt niet veel tijd meer. Maar wel mooie herinneringen…..

De eenzame fietser

de eenzame fietser

Deze zomer was ik in de buurt van La Rochelle en dat was voor mij de aanleiding om, welliswaar per auto, nog eens hetzelfde traject af te leggen dat ik 35 jaar geleden heb gefietst tussen Surgeres en La Rochelle over de D939. Ik was toen onderweg naar Portugal en, in mijn herinnering, was dit een van de zwaarste stukken om te fietsen: striemende regen, beulende tegenwind en heuveltje op en af, het hield maar niet op!

image

Ik was uit Nederland vertokken op een tweede hands racefiets merk Batavus, op de kop getikt voor 100 gulden, zonder reserveband of remkblokjes en alleen een bandenreparatieset van Simson. En het enige profesionele onderdeel van mijn uitrusting bestond uit een racebroek met een zemen inleg die na een aantal weken recht op bleef staan en beter ‘s nachts buiten de tent gezet kon worden. Afijn, wel 6.000 km mee gefietst en als fietsende Nederlander met een primitieve uitrusting had je toen veel bekijks omdat je toen zowat de enige fietser was die zo gek was met 35+ midden op de dag te gaan fietsen.

Dat is wel erg veranderd! Als je nu in Frankrijk rond rijdt kom je om de haverklap fietsende Nederlanders tegen, alleen of in groepsverband. En als je er echt bij wilt horen trek je zo’n mal fietstricot aan voorzien van opvallende reklame en bezit je een supersonische fiets vol met de meest moderne snufjes om je prestaties online te kunnen volgen. Het is allemaal een stuk professioneler geworden en de moderne fietser gaat elk jaar op zijn minst een weekje met zijn fietsclub in Frankrijk fietsen, liefst bij de Alpe D’Huez, de Puy de Dome of de Mont Ventoux. Fietsen is populair en de fietsbranche en hotels op lokatie doen goede zaken.

Ik had dit jaar het voorrecht  op de camping in de Quercy tegenover zo’n fiets enthousiast te mogen staan die samen met zijn vrouw en twee kinderen een week in een huurtent zaten. Elke dag om half twee, als de kinderen hun middagdutje begonnen, pakte hij een van zijn twee fietsen en begon hetzelfde ritueel: fiets grondig schoonmaken en controleren, alle digitale apparaten (telefoon, gps en alle andere technische snufjes) preparen en aan de praat krijgen, rugzak met sportfood en drank inpakken en uiteindelijk zich in het veel te krappen reclamepak hijsen: een waar genoegen om vanuit de schaduw naar te kijken! Na zo’n anderhalf uur was het dan zover en werd hij vrolijk uitgewuifd door vrouw en de inmiddels wakker geworden kinderen en begon hij zijn tocht door de heuvels terwijl de temperatuur boven de 35 graden lag!

Het mooie van al die nieuwe technologie is dat zijn vrouw, via de laptop en de aangeschafte wifi (40€ per week), zijn verrichtingen online kon volgen en precies kon bijhouden wat zijn sportieve prestaties zijn (hartslag, temperatuur, gemiddelde snelheid etc.) en waar hij uithangt: ik zou het er een beetje benauwd van krijgen. Voor de echtgenoot genoeg informatie om te anticiperen op zijn terugkomst. Na een uurtje fietsen kwam hij dan fris en fruitig de camping weer op: erg moe was hij van deze inspanning niet geworden. Het eerste wat ik dan zou doen is flink water drinken en uitgeput neer vallen, maar nee hoor, zonder greintje van transpiratie begon het ritueel van het ontmantelen van zijn digitale appraten en weer schoonmaken en uit elkaar halen van zijn fiets terwijl hij trots om zich heen keek: kijk mij eens, ik hoor er bij!

Brigitte Bardot

Vandaag is Brigitte Bardot 80 geworden, één van mijn jeugdidolen.

BB1

Mijn vader was erg gecharmeerd van haar en dat ging zelfs zo ver dat hij zijn jongste dochter naar haar vernoemde. Daarmee brak hij bij zijn zesde kind met de Katholieke traditie het nageslacht te vernoemen naar een familielid. Tot dan toe was er veel sociale druk vanuit mijn grootouders de kinderen obligaat te vernoemen naar een familielid, een delicate zaak waarbij je moest oppassen niemand voor het hoofd te stoten. Zo werd ik als oudste zoon vernoemd naar mijn opa van moeders kant dus moest de tweede zoon vernoemd worden naar iemand van vaders kant. Toen de broer van mijn moeder zijn eerste zoon kreeg werd hij eveneens Gerard genoemd, later omgedoopt tot het chiquere ‘Gérard’, verschil moet er zijn! Met de keuze voor het vernoemen naar Brigitte Bardot maakte hij een belangrijk statement wat geheel past in het tijdsbeeld van de jaren zestig.

image

Brigitte Bardot stond in de jaren vijftig voor vrijheid, een nieuwe seksuele moraal en de emancipatie van de vrouw en daar zag mijn vader wel wat in. Toen mijn vader met mijn moeder, samen met een van haar vrijgezelle zussen, een weekendje naar Parijs ging moest hij dan ook persé naar de Folies Bergère in Montmartre en dat heeft grote indruk gemaakt. Mijn moeder vond het allemaal wel erg duur en onzin met die champagne maar op menig familiefeestje is daar later nog hard om gelachen, goede investering dus van mijn vader. Ik ben er nooit achter gekomen of het nog invloed heeft het gehad op de consumptie van het huwelijk. Wel hebben we met al het nageslacht, zo’n 27 kinderen en kleinkinderen (in die zin was de consumptie succesvol), in 2003 op mijn moeders 75ste verjaardag en op haar nadrukkelijke verzoek, een bezoek gebracht aan de de Folies Bergère. Een mooie herinnering aan mijn vader die niet meer leeft.BB1

Ik heb dus altijd een zwak gehad voor Brigitte Bardot, als jong fotomodel en actrice door een groot publiek aanbeden vanwege haar uiterlijk en op latere leeftijd publiek veroordeeld vanwege haar politieke opvattingen. Ik had het er dit weekend over met mijn oudste dochter en die zag een parallel tussen Brigitte Bardot en Yoko Ono waar ik een maand geleden over schreef. Beide zijn vrouwen die niet voldoen aan de verwachtingen van het grote publiek en publiek worden uitgekotst omdat ze authentiek blijven. Zoals Brigitte deze week zegt in de Paris Match: ‘Ik zal mijn hele leven zeggen wat ik denk, of mensen dat nu leuk vinden of niet’. En dat ben ik wel heel erg met haar eens!

Als eerbetoon aan Brigitte heb ik in november 2013 een uitgebreide synopsis voor de musical ‘Et Dieu Créa La Femme’ ofwel ‘BB de Musical’ geschreven, deze toen aan Joop van den Ende aangeboden. Omdat ik van Joop geen reactie kreeg heb ik na een jaar wachten het script in december 2014 opnieuw aan Joop van den Ende aangeboden maar nu ook aan Albert Verlinde van Stage Entertainment.

Op 6 januari 2015 kreeg ik een negatieve reactie van Stage Entertainment, het eigen creatieve team van Stage Entertainment is al sinds 2013 bezig met het script en dat vordert gestaag volgens Maarten van Nispen, directeur Corporate Communicatie en woordvoerder van Joop en Janine van den Ende:

Stage

Hoewel we nu drie jaar verder zijn is er nog steeds niets mee gebeurd en heb ik besloten mijn synopsis nu voor iedereen vrij beschikbaar te stellen:

Et Dieu crea La Femme! ofwel Brigitte Bardot de Musical

De musical gaat over de rol van een mooi vrouw die zich zelfbewust opstelt, aanbeden wordt door iedereen en geen privacy heeft en alles wat ze doet in het publieke domein moet uitleggen en op latere leeftijd wordt uitgekotst door haar publiek omdat ze een ook eigen mening blijkt te hebben….

Spelers:

Brigitte Bardot, Serge Gainsbourg, Moeder BB, Fotograaf,  Assistente Fotograaf., Journalist, Regiseur, Acteur / Tegenspeler.

Scene 1: van lelijke eendje naar zwaan

Muziek: zwanemeer ballet, brigitte danst ook hierop tussendoor

Decor: fotostudio

Spelers: Brigitte, Moeder, Fotograaf, Assistente van Fotograaf

Brigitte gaat samen met haar moeder naar de fotostudio om foto’s te laten maken voor Elle,

de moeder merkt dat de fotograaf geen belangstelling heeft voor haar maar voor de dochter.

Gaat over de strijd tussen een jonge vrouw die zich ontworsteld aan het ouderlijke nest.

Scene 2: de aandacht voor de buitenkant en het imago van het domme blondje

Muziek: Michel fugain, la parade de gents hereux

Decor: het strand van Saint Tropez

Spelers: Brigitte, journalist, fotografen, publiek

Brigitte wordt achtervolgd door de pers en heeft een gesprek tussendoor met een journalist, gaat over de verwondering van Brigitte dat men haar zo mooi vindt en het idee van iedereen dat haar dat komt aanwaaien, ze vindt zelf dat ze er hard voor moet werken.

Scene 3: de regisseur gluurder, hoe de man naar de vrouw kijkt

Muziek: She Charles Aznavour

Decor: filmset, zelfde als 1

Spelers: Brigitte, regisseur, tegenspeler (man met rol minnaar) filmcrew

Brigitte moet scene met ervaren acteur spelen die verliefd op haar is en daardoor niet op de regisseur let,

de regisseur krijgt ruzie met deze acteur, Brigitte negeert dit en  is vrijmoedig in haar spel en geeft zich tot verbazing van iedereen bloot, crew blijft alleen Brigitte filmen terwijl de anderen kibbelen…

Scene 4: de alles verslindende liefde, het moederschap en de keuze voor het werk

Muziek: je taime moi non plus

Decor: bankje op strand scene 2

Spelers: Brigitte en Serge

In de privacy van haar prive strand speelt zich het spel der verleiding af tussen Brigitte en Serge Gainsbourg, het moment van je taime moi non plue. Brigitte verlaat hem voor een rol in een film in het buitenland en hij zal haar 30 jaar niet zien. Het gesprek gaat ook over haar kind dat ze niet zelf kan opvoeden.

Scene 5: eenzaamheid, onbegrepen en de liefde voor dieren

Muziek: Thats life Frank Sinatra (? Franse versie?)

Decor: bank voor openhaard, hoop dieren

Spekers: Brigitte Bardot en haar moeder aan de telefoon

Brigitte heeft foute uitspraak gedaan en kijkt naar TV en ziet de opwinding in de media, ze voert telefoongesprek hierover met haar moeder en legt uit wat haar bezielt. Haar wereld is niet meer dezelfde als vroeger nu ze ouder is en niet meer aantrekkelijk. Maakte het vroeger niet uit wat ze zei (dom blondje) nu wordt alles wat ze zegt verkeerd geinterpreteerd. ze sluit zich af van de buitenwereld met haar dieren.

Scene 6: ontmoeting met Serge na 30 jaar

Muziek: les uns et les autres

Decor: In zijn huis vol met requisieten die verwijzen naar BB,

Spelers: Serge en Brigitte

30 jaar later en ouder, Serge en BB hebben samen een gesprek over vroeger, hun kind, haar moeder, de liefde, waarom hij altijd van haar bleef houden maar toch geen kontakt zocht met haar, over waarom zij zich sociaal van de buitenwereld afsloot en hem buitensloot.

Scene 7: Eindscene

Muziek: je taime moi non plus…

Decor: In zijn huis vol met requisieten die verwijzen naar BB,

Spelers: Serge en Brigitte

Brigitte loopt weg, gaat haar weg en laat de ander achter, geen tekst.

(c) Gerard Geerlings – gerard.geerlings@gmail.com

John and Jane

2014-07-15 10.46.44

Als we de A71 verlaten bij Ganat begint mijn ega altijd het kapsel te fatsoeneren en de lippen bij te werken: we zijn weer terug op de camping La Filature in Ebreuil in de Auvergne bij John en Jane, een Engels stel dat al meer dan 25 jaar deze camping beheert. Met tussenpozen komen we hier terug en het is hier altijd erg gezellig, niet te druk, mooi gelegen aan de rivier de Sioulle en, naar Franse begrippen, goed ingericht. Beetje jaren zestig qua inrichting met een klein barretje waar John ‘s avonds achter de bar staat, 1 maal per week bakt hij pizza en zorgt hij voor het buitengebeuren. Jane is het zakelijke brein, zorgt voor de winkel en kookt elke dag een maaltijd, natuurlijk biologisch verantwoord en met kweek uit eigen tuin!

Vanaf het begin dat wij camperen komen we hier af en toe onderweg naar het zuiden en het is altijd weer interessant te zien hoe de camping er bij ligt en hoe het met John en Jane gaat. John is niet meer de jonge god van 25 jaar geleden die op de fiets met zijn hond over de camping reed en menig vrouwenhart op hol liet slaan (waaronder mijn ega). Twee jaar geleden is hij van de trap gevallen en als je hem vraagt hoe het nu gaat zegt hij ‘well’ dus niet ‘Good’. De jaren hebben zijn sporen achter gelaten en i.p.v. de fiets rijdt hij nu op stoer op een oude crossmotor, dat weer wel.

20140715-104939-38979987.jpg

Het is erg stil op de camping en het runnen hiervan is zeker geen vetpot. Eigenlijk alleen in augustus loopt het een beetje en ik denk dat er nu circa 20 tenten staan terwijl er zeker 150 kunnen staan. Vooral de winters zijn lang en John vertelde ons dat hij dan de avonden doorbrengt met het luisteren naar muziek, vooral Engelse rock uit de jaren zestig en zeventig. We hebben de afgelopen jaren het dorp Ebreuil langzaam achteruit zien gaan: gisteren op Quatorze Julliet was er geen cafe open en alleen een vuurwerk van nog geen 10 minuten waarna iedereen weer snel naar huis liep. Mooie streek de Auvergne maar niet om lang te blijven, we gaan zo weer door naar het zuiden op zoek naar plekken waar wat meer te doen is!